NEW YORK - Het Amerikaanse Citigroup, 's werelds grootste bank, heeft vrijdag ingestemd met een schikking van 2 miljard dollar in de zaak Enron, het energieconcern dat door fraude in de boekhouding ten onder is gegaan. De zaak was aangebracht door beleggers in aandelen en obligaties van Enron. Zij klaagden Citigroup aan voor de adviezen die zijn analisten hadden gegeven.

De schikking is tot op heden de grootste die voortvloeit uit de ondergang van Enron. De zaak werd geschikt in een zogenoemde class-action waarbij iedere belegger die zich gedupeerde voelde, zich bij de zaak kon aansluiten. Citigroup werd ervan beschuldigd het energieconcern te hebben geholpen om miljarden aan schulden buiten de boeken te houden.

"Beleggers gaan door met het aanklagen van andere betrokken bedrijven, waaronder banken die willens en wetens beleggers in effecten van Enron hebben misleid", liet William Lerach, de voornaamste jurist van de beleggers, weten.

Met de schikking van Citigroup komt het totale bedrag dan beleggers hebben weten los te krijgen op 2,5 miljard. Ze claimen door de ondergang van Enron bij elkaar 30 miljard dollar te hebben verloren.

Citigroup moest vorig jaar met 2,65 miljard dollar over de brug komen na aantijgingen dat de bank beleggers in het telecomconcern WorldCom had misleid. Topman Charles Prince van Citigroup, die in oktober 2003 de toppositie overnam van Sanford Weill, heeft het herstel van de beschadigde reputatie van de bank tot zijn voornaamste taak gemaakt.

Prince wil van Citigroup de meest gerespecteerde internationale financiële dienstverlener maken. De 300.000 werknemers van Citigroup krijgen daarvoor onder meer les in ethiek.