Beleggers die misleid waren in aanloop naar het omvallen van Fortis in 2008, kunnen eindelijk een vergoeding tegemoet zien. Het gerechtshof in Amsterdam heeft zijn fiat gegeven voor de tweede schikkingsovereenkomst hierover tussen de Belgische verzekeraar Aegeas, oftewel de erfgenaam van Fortis, en claimorganisaties. 

De schikking bedraagt ruim 1,3 miljard euro, de grootste ooit tussen een Europees bedrijf en zijn beleggers.

Actieve beleggers, die zich hadden aangesloten bij een claimorganisatie, krijgen een vergoeding die een kwart hoger ligt dan die van niet-actieve beleggers. Daarmee worden de kosten die ze hebben gemaakt om een vergoeding te krijgen verrekend.

Het gerechtshof vindt de hogere vergoeding niet redelijk voor aandeelhouders die zich lieten vertegenwoordigen door de Vereniging Effectenbezitters (VEB). De rechters vinden dat de leden van de VEB geen extra kosten hebben gemaakt, omdat ze slechts hun normale contributie betaalden. Omdat de schikking als geheel te belangrijk is, veegden de rechters hun bezwaren uiteindelijk echter van tafel.

Voor een eerste schikkingsvoorstel, ter waarde van 1,2 miljard euro, ging het gerechtshof nog wel liggen. Naast de vergoeding voor de beleggersorganisaties was ook het onderscheid tussen actieve en niet-actieve beleggers onderwerp van kritiek van de rechters.

Fortis-beleggers die niet onder de schikking willen vallen, hebben vijf maanden de tijd om hun bezwaar te melden.

ABN AMRO

Ageas sprak eerder de hoop uit dat het aangepaste schikkingsvoorstel voor de zomer goedgekeurd zou worden. Beleggers die de schikking aanvaarden, zouden dan nog vóór het jaareinde 70 procent van het schikkingsbedrag kunnen ontvangen. Er zijn naar schatting 200.000 gedupeerden die in aanmerking komen voor een schadevergoeding.

Fortis nam in 2007 de Nederlandse delen van ABN AMRO over. De kapitaalpositie van het Belgisch-Nederlandse bank- en verzekeringsconcern was daardoor dusdanig verzwakt dat het bedrijf ten onder ging in de kredietcrisis die kort daarna losbarstte. De Nederlandse onderdelen werden eind 2008 genationaliseerd, de Belgische bankactiviteiten werden verkocht. Aandeelhouders zagen daardoor de waarde van hun bezittingen in korte tijd veel minder waard worden.

Ageas-topman Bart de Smet zegt dat zijn bedrijf ''erg blij'' is met de beslissing. Zijn bedrijf krijgt daardoor zijn ''volledige strategische en financiële flexibiliteit'' terug. VEB-directeur Paul Koster stelt dat beleggers en Ageas ''het boek na bijna tien jaar eindelijk kunnen sluiten''. Ook claimorganisatie Deminor noemt de beslissing ''een belangrijke stap voorwaarts''.