BRUSSEL - Onder druk van het europarlement heeft de Europese Commissie woensdag voorgesteld om het overwerk van werknemers aan banden te leggen. In het voorstel worden weken van meer dan 55 uur verboden. Dat was in het eerste voorstel nog 65 uur.

Branches of bedrijven mogen bij CAO bepalen dat langere werkweken zijn toegestaan, maar dan moeten ze uiteraard eerst de vakbonden zien te overtuigen. De regels voor overwerk gelden niet voor beroepen waar dat op praktische problemen zou stuiten, zoals zeelui, mensen in continudienst en leidinggevenden.

Werkweek

Overeind blijft dat de gemiddelde werkweek maximaal 48 uur mag bedragen. Dat zou moeten worden berekend op jaarbasis en niet elke vier maanden zoals nu.

De commissie wil verder de uitzondering die Groot-Brittannië begin jaren negentig heeft bedongen voor de 48-urenweek, op termijn afschaffen. Wel mag Londen jaarlijks om verlenging vragen.

Gevoelig

Het schrappen van de Britse uitzondering ligt zeer gevoelig. Aanvankelijk wilde 'Brussel' de uitzondering ongemoeid laten, maar het Europees Parlement is daar fel op tegen. De Britten stellen dat hun economie al jarenlang sneller groeit dan het Europees gemiddelde, juist dankzij de minder strikte arbeidswetgeving. Londen is naarstig op zoek naar bevriende lidstaten om het commissievoorstel tegen te houden in de vergadering van EU-ministers.

Verder heeft de commissie een compromis voorgesteld voor de 'slaapdiensten'. Veel Europese landen hebben grote problemen met een uitspraak van het Europees Hof dat werknemers die wachtdiensten draaien op hun werk volledig moeten worden doorbetaald, zelfs als ze mogen slapen. Dat geldt bijvoorbeeld voor ziekenhuisartsen en brandweerlui.

Aanvankelijk wilde de commissie het vonnis omzeilen door slaapdiensten nadrukkelijk als 'rusttijd' te definiëren, maar ook hier ligt het europarlement dwars. Het Brusselse compromis luidt dat werknemers tijdens slaapdiensten niet worden doorbetaald, maar dat slapen op de zaak evenmin bij de wettelijke rusttijd wordt geteld. Gevolg is dat ze na afloop van hun dienst langer vrij hebben.