MILAAN - De Italiaanse bank Popolare di Lodi heeft een bod gedaan van 24,47 euro per aandeel op de branchegenoot Antonveneta, zo werd woensdag bekend. Het is een volgende stap in het overnamegevecht dat 'Pop Lodi' voert met ABN Amro om de Italiaanse bank. Het bod zou de bank 4,9 miljard euro kosten en Antonveneta waarderen op ruim 7 miljard euro.

Het bod ligt iets lager dan dat van ABN Amro. De Nederlandse bank bood eerder 25 euro per aandeel. Pop Lodi, zoals de bank in de volksmond wordt genoemd, moest van de Italiaanse beurstoezichthouder Consob een bod in contanten uitbrengen. De beurswaakhond dwong dit af omdat de bank zou hebben samengespannen met andere investeerders en zo samen meer dan 30 procent van de aandelen Antonveneta in handen zou hebben. Volgens de Italiaanse wet moet dan een overnamebod worden uitgebracht.

Dit bod in contanten komt naast een andere bieding van dezelfde bank. Pop Lodi kwam eerder al met een overnamebod op Antonveneta dat bestaat uit een combinatie van aandelen, obligaties en wat contant geld ter waarde van 26 euro per aandeel.

Het Nederlandse bankbedrijf is in een felle overnameslag verwikkeld geraakt om Antonveneta. Vlak nadat de Nederlanders dit voorjaar een bod op de bank hadden aangekondigd, meldde Pop Lodi zich aan het overnamefront. De Italiaanse tegenstrever haalt sindsdien alles uit de kast om de overnameplannen van ABN Amro te dwarsbomen.

ABN Amro vraagt zich af of het mogelijk is om met twee verschillende biedingen te komen. De Italiaanse toezichthouder Consob moet nog toestemming geven voor het tweede bod. "Ons bod in contanten ligt hoger dan dat van bank Populare di Lodi.", reageert een woordvoerder van ABN Amro. "De markt moet uiteindelijk bepalen wat er gebeuren gaat. Wij zijn vooral benieuwd hoe zij denken het bod te financieren."

Justitie in Italië zou de rol van topman G. Fiorani van Pop Lodi in de overnamestrijd onderzoeken. Ook de stappen van ondernemer E. Gnutti en 21 anderen zou Justitie onder de loep nemen.