BERLIJN - De rente in de eurolanden blijft voorlopig zoals die is. De Europese Centrale Bank (ECB) besloot woensdag zijn belangrijkste tarief, de herfinancieringsrente, op 2 procent te laten staan. Dat tarief geldt sinds juni 2003.

Het besluit van de ECB was geen verrassing. Jean-Claude Trichet, president van de bank, had na de vorige vergadering over de rente voor de twaalf eurolanden al gezegd dat er voorlopig geen verandering in de rentestand zou komen.

De bank ziet zich geconfronteerd met aanwijzingen die op een vertraging in de groei van de economie duiden. Een verhoging van de rente zou alleen maar extra vertragend werken op de economische ontwikkeling.

Wel heeft de ECB eerder al gewezen op het gevaar van de hoge olieprijs en de groei van de hoeveelheid geld in omloop. Deze factoren kunnen de inflatie opdrijven, een risico dat kan worden afgewend door de rente te verhogen.

Voor een verlaging van de rente zijn ook argumenten aan te voeren. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) liet eerder deze week bij monde van zijn directeur, Rodrigo Rato, weten dan de ECB er goed aan zou doen de rente te verlagen om zo de economie te stimuleren.

De ECB vergaderde woensdag in Berlijn. De bank houdt tweemaal per jaar haar periodieke vergadering buiten het hoofdkantoor in Frankfurt.