De Nederlandse Staat kan geen zogeheten gouden aandeel in ABN Amro nemen om te voorkomen dat de bank kiest voor exorbitante salarisstijgingen aan de top.

Zo'n constructie is ''op grond van Europees recht niet mogelijk'', zegt minister Wopke Hoekstra van Financiën.

De PvdA had de bewindsman gevraagd uit te zoeken of een gouden aandeel met vetorecht een optie kan zijn om invloed te houden op het beloningsbeleid van ABN, als de overheid haar huidige belang van ruim 56 procent heeft afgebouwd. Dat zou evenwel in strijd zijn met het vrij verkeer van kapitaal en de vrijheid van vestiging, aldus Hoekstra.

Alleen indien strikt noodzakelijk, bijvoorbeeld om de financiële stabiliteit te waarborgen, zou zo'n maatregel eventueel te rechtvaardigen zijn. Het houden van invloed op beloningen weegt daarvoor niet zwaar genoeg, omdat dit ook met nieuwe wetgeving kan worden geregeld.

Nieuwe regels

Hoekstra liet eerder al weten dat hij werkt aan nieuwe regels voor de beloningen van topbestuurders bij banken. Van ingrijpen in vaste salarissen zal evenwel geen sprake zijn, tenzij een bank staatssteun nodig heeft.

Aanleiding voor de discussie is een inmiddels teruggetrokken plan van ING om de beloning van topman Ralph Hamers met de helft te verhogen tot zo'n 3 miljoen euro.

GroenLinks wil met een eigen wetsvoorstel, dat steun geniet van zes andere oppositiepartijen, een stap verder gaan. Grote banken zouden daarin voortaan hun beloningsvoorstellen moeten voorleggen aan de minister van Financiën.