MILAAN - ABN Amro heeft opnieuw een tegenvaller moeten incasseren in de overnamestrijd om de Italiaanse bank Antonveneta. Branchegenoot en concurrent Banco Popolare di Lodi (BPL) heeft zaterdag tijdens een aandeelhoudersvergadering de stemming over de samenstelling van de Board of Directors gewonnen. Dat betekent dat Antonveneta een nieuwe top krijgt, die Lodi gunstig gezind is.

BPL heeft eerder deze maand een belang van 29,5 procent in Antonveneta opgebouwd. De bank kwam vrijdag met een nieuw overnamebod. BPL bood 26 euro per aandeel. Het totale bod kwam op 7,5 miljard euro uit. ABN Amro bezit 18 procent en bood eerder 25 euro per aandeel. Daarmee waardeerde het Antonveneta op 7,2 miljard euro.

De vijftien nieuwe commissarissen die door Lodi zijn voorgedragen kunnen het bod van ABN Amro nu afwijzen en kiezen voor de acquisitie van BPL.

Benadeeld

ABN Amro heeft afgelopen week de Italiaanse centrale bank voor de rechter gedaagd. De Nederlandse bank vindt dat de Banca d'Italia ABN Amro benadeeld heeft ten opzichte van BPL. Lodi kreeg sneller de mogelijkheid om extra aandelen te kopen en zo haar positie te versterken.

ABN Amro wil nu via de rechter afdwingen dat de aandelen die Lodi de afgelopen weken heeft verworven en die de doorslag hebben gegeven bij de aandeelhoudersvergadering van zaterdag, achteraf niet mee mogen tellen. Een woordvoerder van de Nederlandse bank liet zaterdag weten de uitspraak van de Italiaanse rechter met vertrouwen tegemoet te zien. De rechtbank in Rome doet woensdag uitspraak.