De Europese Centrale Bank (ECB) heeft de groeiverwachting voor de economie van de eurozone licht opgeschroefd.

Dit meldt centralebankpresident Mario Draghi donderdag. Hij verwacht voorlopig geen grote effecten te zien van het handelsdispuut dat Donald Trump heeft gecreëerd. 

De centrale bank gaat nu uit van een economische groei van 2,4 procent voor dit jaar. In december voorspelde de ECB nog een economische groei van 2,3 procent voor 2018. Voor 2019 en 2020 verwacht de ECB economische groei van respectievelijk 1,9 procent en 1,7 procent.

De verwachtingen voor inflatie, de doelstelling van de ECB, is onveranderd. Berekend volgens de Europese geharmoniseerde methode stijgt inflatie dit jaar naar 1,4 procent, denkt de ECB. Voor 2019 is de verwachting naar beneden bijgezet van 1,5 procent naar 1,4 procent. In 2020 gaat de centrale bank uit van een stijging van het prijspeil van 1,7 procent.

De ECB probeert de inflatie naar 2 procent op de middellange termijn te krijgen. 

Rentebesluit

De Europese Centrale Bank (ECB) heeft de belangrijkste rente van de centrale bank, de herfinancieringsrente, onveranderd gelaten op 0 procent. Banken kunnen zo gratis lenen bij de centrale bank. Ook blijven banken 0,4 procent rente betalen over het geld dat ze bij de centrale bank stallen. 

De centrale bank verklaarde verder opnieuw dat het opkoopprogramma tot september zal duren en langer als dat moet. Een passage dat het programma verder kan worden uitbreid, werd wel geschrapt. 

De ECB koopt maandelijks nog steeds voor enkele tientallen miljarden aan obligaties op uit de financiële markten. Het huidige programma loopt af in september, maar Draghi heeft altijd gezegd dat het programma langer door blijft lopen als dat nodig is.

Aandeel vrouwen

Draghi ging ook in op de verhouding tussen vrouwen en mannen bij de centrale bank. Zo worden maar 2 van de 25 plekken in het bestuur van de centrale bank bezet door vrouwen.

Hij gaf toe dat er nog te weinig vrouwen werkzaam zijn binnen het gehele instituut. De ECB heeft als doel om het aandeel vrouwen in het topmanagement en het totale management te verhogen naar respectievelijk 28 procent en 35 procent.