Australië en Oost-Timor hebben dinsdag bij de Verenigde Naties in New York een verdrag ondertekend over de zeegrens tussen de twee landen. Daarmee is de oplossing voor het conflict dat een offshoreproject voor de winning van aardgas in de weg stond eindelijk officieel.

De twee landen hebben afgesproken hoe ze de winsten van het gigantische gasveld Greater Sunrise gaan verdelen. Oost-Timor gaat een groter deel van de inkomsten ontvangen dan Australië. Door het verdrag is er nu voor het eerst een zeegrens in de Timorzee.

In 2016 begonnen de onderhandelingen over de zeegrens. Australië wilde de grens gelijk laten lopen met het gedeelte van een continent dat onder water staat. Oost-Timor wilde de grens precies op de helft tussen de twee landen, zodat het grootste gedeelte van Greater Sunrise onder Oost-Timor viel.

Vorig jaar september kwam het tot een akkoord, waarna het uitgewerkte verdrag een half jaar later eindelijk bekrachtigd is.

Oost-Timor is een voormalige Portugese kolonie die door Indonesië werd bezet nadat Portugal zich had teruggetrokken. Het werd in 1999 onafhankelijk, maar het conflict met Australië over de zeegrens en de rechten op gasvoorraden onder de zeebodem remde de ontwikkeling van het land. De waarde van de voorraden in het gasveld Greater Sunrise wordt geschat op ruim 30 miljard euro.