Speelgoedproducent LEGO heeft vorig jaar met tegenvallende verkopen in zowel Europa als Noord-Amerika gekampt. 

Het Deense bedrijf achter de bekende bouwsteentjes moest daarbij veel speelgoed tegen kortingen van de hand doen, om zijn voorraden wat terug te dringen. Daardoor ging de omzet voor het eerst in dertien jaar omlaag.

De totale opbrengsten kwamen 8 procent lager uit op 35 miljard Deense kroon (zo'n 4,7 miljard euro). Ook werd er minder winst gemaakt. Onder de streep hield LEGO 7,8 miljard kroon over, tegen 9,4 miljard het jaar ervoor.

Het was sowieso een moeilijk jaar voor LEGO, dat in september nog aankondigde ruim wereldwijd 1.400 banen te schrappen. Even daarvoor moest topman Bali Padda al het veld ruimen. Hij was slechts acht maanden de baas geweest.

Nieuwe film 

Zijn opvolger Niels Christiansen is niet tevreden met de resultaten, maar hij vindt wel dat LEGO er inmiddels beter voorstaat dan een jaar terug. Klassieke reeksen als LEGO City en Duplo bleven het vorig jaar bovendien wel goed doen. Bij LEGO Ninjago kon daarnaast worden geprofiteerd van het uitkomen van een nieuwe film in september.

De Deense onderneming maakte in de voorgaande jaren juist een sterke omzetgroei door, mede doordat het zijn traditionele bouwsteentjes wist te combineren met nieuwe technologie. Waar LEGO in 2003 nog op de rand van de afgrond balanceerde, behoort het nu tot de grootste speelgoedfabrikanten ter wereld.

Al die jaren van groei hadden echter ook een keerzijde. De organisatie werd er volgens LEGO groter en logger door, wat ingrijpen noodzakelijk maakte. De speelgoedmaker ziet nu onder meer veel groeikansen in China, waar de omzet vorig jaar wel flink in de lift zat. Ook wil LEGO in de loop van dit jaar een kantoor openen in Dubai, om van daaruit verdere groei in het Midden-Oosten en Afrika mogelijk te maken.