De Russische miljardairs Oleg Deripaska en Vladimir Potanin strijden om de zeggenschap over mijnbouwbedrijf Norilsk Nickel.

Daarmee pakken de twee een oude vete op die in 2012 beëindigd leek na bemiddeling van de Russische president Vladimir Poetin.

Deripaska wil via een Londense rechter afdwingen dat Chelsea-eigenaar Roman Abramovitsj zijn belang in Norilsk Nickel niet mag verkopen aan Potanin. Dat belang zou een waarde hebben van 1,5 miljard dollar.

Abramovitsj stapte als aandeelhouder in bij Norilsk Nickel als gevolg van de bemiddeling door Poetin. Hij mocht zijn 5 procent in het grootste mijnbouwbedrijf van Rusland binnen vijf jaar verkopen. Die termijn verliep in december.

Het was de bedoeling dat Deripaska en Potanin in die vijf jaar hun geschil zouden hebben bijgelegd.