RIJSWIJK - Over een ding zijn de deskundigen het in elk geval eens. Zonder supermarktoorlog zou de ruzie tussen Unilever en Albert Heijn over huismerken nooit tot een rechtszaak hebben geleid.

Dergelijke conflicten zijn zo oud als de weg naar Kralingen. Zo herinnert de 63-jarige Marius Knijff, senior partner van Knijff Merkenadviseurs zich nog dat een jaar of twintig geleden Albert Heijn de 'na-aapprijs' kreeg van de Rotterdamse industrieclub. "En wel voor haar totale oeuvre", aldus Knijff. "Er is altijd spanning tussen A-merken en eigen merken. Zo waren er problemen met verpakkingen die leken op Oma's Cake of met glazen groentepotten omdat die met HAK werden geassocieerd."

Uit de schappen

De supermarktoorlog heeft de relatie volgens Knijff echter ernstig verhard. Vrijdag treffen beide partijen elkaar voor de rechter in Arnhem. Unilever heeft Albert Heijn gedaagd. Het supermarktbedrijf zou de verpakkingen van hun ijsthee, pindakaas en margarines hebben geïmiteerd zodat ze lijken op die van Unilevers topmerken, te weten Lipton, Calvé, Becel, Croma, Blue Band en Bertolli. Unilever wil dat de huisartikelen onmiddellijk uit de schappen worden gehaald en Albert Heijn de verpakkingen aanpast.

Een dergelijke rechtszaak heeft Knijff in zijn 35-jarige carrière als merkenadviseur nog nooit bij de hand gehad. "De na-aapprijs was grappig en werd door het hoofd marketing van Albert Heijn in ontvangst genomen. Zoiets zie ik nu niet meer gebeuren."

Grenzen

Onder invloed van de prijzenoorlog doet Albert Heijn van alles om marktaandeel te vergroten. Dat gaat ten koste van de A-merken "Het is nu aan de rechter om te bepalen of daarbij grenzen zijn overschreden", aldus Petra Herkul, merkengemachtigde van het Rotterdamse bureau Bouma.

Albert Heijn loopt op een grijze lijn, constateert Jerry Considine, advocaat en merkengemachtigde van Considine Groep. "Het uitlokken van een conflict is een bewuste keuze." Hij vergelijkt de situatie met die waarin kleurcodes merken vervangen. Het is inmiddels ingeburgerd dat chloor geel, spiritus blauw en cola rood-wit is, ongeacht het merk. Daar hebben de merkleiders zich uiteindelijk onder druk van de supermarkten bij neergelegd.

De merkenrechtadvocaat verwacht vrijdag een heel circus in de rechtszaal waarbij tal van huismerkartikelen naast die van de A-merken wordt gezet. "Albert Heijn zal vervolgens beweren dat uiterlijke overeenkomsten gebruikelijk zijn. De bedoeling hiervan is dat de rechter door de bomen het bos niet meer ziet." Unilever krijgt het volgens hem nog knap moeilijk zijn aantijging te staven.

Knijff geeft daarentegen Unilever een goede kans. "Als de artikelen separaat worden bekeken zijn er de nodige verschillen. Maar de rechter zal ook nagaan hoe de consument zijn keuzes maakt. Als Albert Heijn zijn op Calvé lijkende huismerk pindakaas heeft gezet op de plaats waar voorheen die van Calvé stond, is er bewust verwarring veroorzaakt. Bovendien is Albert Heijn zo met een hele serie producten omgesprongen. Daar zit een lijn in. Mocht de rechter geen inbreuk op het merkenrecht constateren dan kan hij het gedrag van Albert Heijn ook bestempelen als onzorgvuldig handelen in het economisch verkeer."

"Beide partijen zijn overtuigd dat ze aan de goede kant van grijze lijn staan en op een eerlijke manier concurreren", aldus Jerry Considine. Welke kant het vonnis op zal gaan, is ongewis. De beslissing is volgens hem afhankelijk van de mate waarin elk beeldmerk zich onderscheidt en is beschermd.

Ook Petra Herkul durft geen voorspelling te doen. "We zullen het proces aandachtig volgen. Juist omdat er weinig jurisprudentie is. De rechter zal kijken naar de mate van verwarring die Albert Heijn met zijn huismerken heeft aangericht. Het wordt een moeilijke afweging."