Postbedrijven moeten vanaf 1 januari minimaal 80 procent van hun bezorgers in vaste dienst hebben. Het kabinet wil daarmee een einde maken aan misstanden in de sector.

''Postbezorgers werken aan de onderkant van de arbeidsmarkt'', aldus staatssecretaris Mona Keijzer (Economische Zaken) donderdag.

Ze benadrukt dat postbedrijven al enkele jaren weten dat ze naar de norm van 80 procent moeten groeien. Er is dus voor hen voldoende tijd geweest om dit te realiseren, vindt de bewindsvrouw.

Postbezorgers moeten, zeker in een krimpende markt, kunnen rekenen op eerlijk werkgeverschap. Concurrentie ten koste van arbeidsvoorwaarden is niet wenselijk, aldus Keijzer en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid).

Keijzer wil medewerkers met een arbeidsbeperking die worden ingehuurd via een zogenoemde banenafspraak of quotumregeling, laten meetellen voor de norm.

Vakbonden

De vakbonden FNV, CNV en BVPP reageren verheugd op de beslissing van het kabinet. Zij wijzen erop dat ze onder meer een handhavingsverzoek bij de Autoriteit Consument & Markt (ACM) hebben neergelegd.

Bij de liberalisering van de postmarkt was namelijk al afgesproken dat postbedrijven in 2013 met 80 procent van hun postbezorgers een overeenkomst moesten hebben. Dat werd later uitgesteld.

De bonden wijzen nadrukkelijk naar Sandd/VSP als partij die niet aan de regels voldoet. Ze roepen dat bedrijf op om op zeer korte termijn om de tafel te gaan om ,,over fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden'' te praten.

Sandd wilde donderdag nog niet reageren.