De verkoop van Eneco is een stukje onzekerder geworden. Nu ook de gemeenteraad van Leerdam het belang wil houden, is meer dan een kwart van de aandelen in principe buiten bereik voor een eventuele koper. Die kan daardoor geen volledige zeggenschap krijgen.

Leerdam heeft slechts een half procent van de aandelen, maar de tegenstem brengt de verkoop net in de gevarenzone.

Eneco is in handen van in totaal 53 gemeenten. Die beraden zich momenteel op hun aandeelhouderschap wegens de afsplitsing van netwerkbedrijf Stedin. Daarmee is de openbare nutsfunctie van Eneco volgens voorstanders van een verkoop verdwenen. Maar sommige gemeenten vrezen dat de duurzame koers en de werkgelegenheid bij een verkoop in het gedrang komen en willen hun stukken liever houden.

De plaatsen waarvan nu bekend is dat zij wel willen verkopen, zijn samen goed voor ruimschoots de helft van de aandelen. Dat is voldoende om een verkoopprocedure in gang te kunnen zetten. Het valt niet uit te sluiten dat sommige gemeenten die nu nee zeggen, alsnog overstag gaan als daadwerkelijk een mogelijke koper met een grote zak geld rammelt.

Tegen

Wethouder Herbert Raat van Amstelveen, een van de gemeenten die tegen een verkoop zijn, gaat daar evenwel niet van uit. Hij denkt dat onzekerheid over de zeggenschap die een eventuele koper van Eneco op de koop toe moet nemen, de potentiële verkoopprijs zal drukken. Dat kan voor gemeenten die nu voor een verkoop zijn, juist een reden zijn om van gedachten te veranderen.

De aandeelhouders van Eneco moeten uiterlijk 31 oktober hun standpunt kenbaar maken, waarna waarschijnlijk een zoektocht begint naar mogelijke kopers. Een definitief besluit valt op zijn vroegst volgend jaar, na de raadsverkiezingen in maart. Elke gemeente moet dan opnieuw zelfstandig beslissen of de aandelen worden verkocht aan een eventuele bieder.

Eneco zelf ziet weinig heil in een verkoop. Ook personeel en ondernemingsraad hebben een dringend beroep gedaan op de aandeelhouders om verder te kijken dan alleen financieel gewin. Zij kregen deze week steun van drie grote klanten, spoorvervoerder NS, telecomaanbieder KPN en supermarktketen Albert Heijn, die in een gezamenlijke brief hun zorg uitspraken.