De Amerikaanse overheid gaat een strafheffing invoeren op vliegtuigen van het Canadese Bombardier. De heffing kan oplopen tot 220 procent.

Het besluit komt na een klacht van Boeing dat Bombardier profiteert van Canadese staatssteun, waardoor de vliegtuigen van het bedrijf tegen zeer lage prijzen verkocht kunnen worden.

De voorlopige importheffing treft toestellen van de C-Serie van Bombardier, een vliegtuig voor regionaal gebruik. Eerder dit jaar plaatste Delta Air Lines een order voor 75 toestellen van dat type.

Onder de kostprijs

Boeing klaagde dat die vliegtuigen onder de kostprijs werden verkocht, dankzij staatssteun die Bombardier heeft gekregen in Canada en het Verenigd Koninkrijk. Er wordt ontkend dat dit het geval is.

De Amerikaanse strafheffing kan de werkgelegenheid bij Bombardier in gevaar brengen. Het bedrijf heeft een grote fabriek in Noord-Ierland, waar vleugels worden gemaakt voor de C-Serie met 4.500 werknemers. In totaal zijn 28.000 werknemers actief bij de luchtvaartactiviteiten van Bombardier, dat ook treinen bouwt.

Kritiek

In de Canadese en Britse politiek wordt de zaak hoog opgevat en is er veel kritiek op het besluit van Washington, dat overigens nog wel definitief moet worden. Er wordt door Canada al gedreigd met een boycot van gevechtsvliegtuigen van Boeing.

Bombardier had te kampen met vertragingen en kostenoverschrijdingen bij de ontwikkeling van de C-serie, waardoor het bedrijf diep in de rode cijfers belandde.

Daarop schoten de overheid van de provincie Quebec en de Canadese overheid het bedrijf te hulp met noodkredieten. Ook in Groot-Brittannië kreeg Bombardier noodleningen.