De rechtbank in Amsterdam heeft Max Verstappen in het gelijk gesteld in een zaak tegen online supermarkt Picnic. Het bedrijf heeft volgens de rechter het portretrecht van de coureur geschonden met een reclamevideo met een lookalike van Verstappen.

Dat meldt de rechtbank woensdag. Hoe hoog de schadevergoeding is die het bedrijf moet betalen, moet nog worden bepaald.

Picnic plaatste eind september 2016 een filmpje op Facebook dat vrijwel direct werd verwijderd. Het was een variant op de reclame van supermarktketen Jumbo waarin de echte Max Verstappen boodschappen bezorgt.

In de video was een lookalike van Verstappen te zien. Jumbo is een belangrijke sponsor van Verstappen.

Tijdens een eerdere zitting benadrukte Picnic dat het filmpje als grap was bedoeld en dat de productie van de video niet meer dan 200 euro had gekost. De bezorgdienst achtte toestemming van Verstappen niet nodig, omdat het om een parodie ging.

Lex de Jager, advocaat van Verstappen, beargumenteerde dat er geen sprake is van een grap, maar van een goed doordachte mediastrategie. Het gebruik van andermans identiteit in reclame is volgens hem onrechtmatig.

Gelijk

De rechter stelde hem woensdag in het gelijk ."Ook al gaat het slechts om een lookalike, de acteur vertoont alle karakteristieke kenmerken van Verstappen. Dezelfde pet, dezelfde raceoutfit, dezelfde haarkleur, hetzelfde silhouet en hetzelfde postuur."

Ook vindt de rechter dat het belang van Verstappen om zich tegen het gebruik van zijn portret te verzetten, zwaarder weegt dan het recht op vrije meningsuiting van Picnic. "Verstappen moet zelf kunnen bepalen of hij zijn populariteit in wil zetten voor commerciële activiteiten."

Op tafel

De Jager is verheugd over de uitspraak. "We zijn blij dat het principe nu op tafel ligt. Deze video heeft een commercieel doel gehad, dat heeft de rechter nu ook gezegd." Bedrijven kunnen daarom volgens hem niet zomaar meer aan de haal gaan met een bekend persoon.

De advocaat gaat nu stappen zetten om de schade te bepalen. "Dat zal om een aanmerkelijk bedrag gaan, vergelijkbaar met dat wat we eerder hebben geëist", zegt hij.

Het management van Verstappen eiste in eerste instantie een vergoeding van 350.000 euro. De rechtbank keurde dit verzoek toen af, daarop volgde een bodemprocedure. 

De rechter in Amsterdam noemde de claim rond de vergoeding woensdag "onvoldoende onderbouwd". De coureur krijgt tot 18 oktober de tijd om de hoogte van de te betalen schadevergoeding opnieuw te motiveren.

Teleurgesteld

Michiel Muller, medeoprichter van Picnic reageert teleurgesteld op de uitspraak. "Het was een ludiek filmpje, puur bestemd voor onze eigen medewerkers."

"We kunnen ons niet voorstellen dat de door hem geleden schade in de duizenden euro's loopt. We hadden het leuker gevonden als hij op ons voorstel was ingegaan om de kosten van advocaten voor deze rechtszaak aan een goed doel te doneren. Dan was het in perspectief gebleven en hadden we er iets moois mee kunnen doen."