AMSTERDAM - Koninklijke Olie/Shell Groep 'bekroont' dankzij de sterke stijging van de olieprijzen het rampjaar 2004 met een nettowinst die naar verwachting de hoogste is in de geschiedenis van het Nederlandse bedrijfsleven. Analisten schatten dat het grootste beursgenoteerde olieconcern van Europa donderdag bij de publicatie van de jaarcijfers een nettowinst presenteert van rond de 17,5 miljard dollar, 40 procent meer dan de 12,5 miljard dollar in 2003.

De recordwinst komt na een jaar waarin Shell wankelde als nooit tevoren. Er kwamen zelfs vernederende geruchten in de markt over een overname door de kleinere concurrent Total uit Frankrijk.

De reputatie ging door het slijk door het schandaal rond de bewezen olie- en gasreserves. Die bleken jarenlang te hoog te zijn ingeschat. Na een eerste schokkende afwaardering met 3,9 miljard vaten (20 procent) vorig jaar januari volgde nog een serie kleinere bijstellingen. Inmiddels staat de teller op bijna 4,5 miljard vaten (van 159 liter) minder. Shell liet in oktober weten rekening te houden met een afwaardering van maximaal nog eens 900 miljoen vaten.

Belangrijker dan de omvang is het antwoord op de vraag of dit de laatste bijstelling is. Is dat het geval, dan komt Shell in rustiger vaarwater op de route naar wat een voorwaarde is voor het voortbestaan van olieconcerns: ervoor zorgen dat tegenover de hoeveelheid fossiele brandstoffen die uit de grond wordt gehaald minstens evenveel nieuwe vondsten staan. Shell heeft al eerder aangekondigd miljarden extra te gaan investeren in het zoeken naar nieuwe olie- en gasbronnen.

De beurskoers van Koninklijke Olie, het Nederlandse deel van de groep, dook na de bekendmaking van de reservekwestie in januari omlaag. Maar het belangrijkste aandeel in de AEX-index heeft de afgelopen maanden een sterk herstel laten zien. Het is in vergelijking met het absolute dieptepunt in 2004 bijna 25 procent meer waard geworden.

Die sterke koersstijging is niet geheel Shells eigen verdienste. Deels komt dit door het samensmeden van Koninklijke Olie (60 procent) en de Britse tak Shell Transport & Trading (40 procent) tot de nieuwe onderneming Royal Dutch Shell.

Hierdoor neemt het nieuwe grote Shell de plek van het kleinere Shell Transport in de Britse beursindex FTSE in. Investeerders die beleggen in deze index kopen grootschalig Shell-aandelen bij om de samenstelling van hun portefeuille in stand te houden.

Ditzelfde doet zich voor in de Amsterdamse AEX-index, waarin de weging van het olieconcern van 10 naar 15 procent gaat. De grote vraag naar de Britse en de Nederlandse aandelen van het concern zorgde alleen al in januari voor een koersstijging van ruim 6 procent.

De koersontwikkeling is een zet in de rug voor topman Jeroen van der Veer. Hij voorspelde in december dat de olieprijs op termijn kan dalen van ruim 40 dollar per vat toen naar 25 dollar. Als die voorspelling uitkomt, zal het jaarresultaat over 2004 een record kunnen blijven.