AMSTERDAM - Verkorten van de WW is voor de FNV bespreekbaar als mensen die daardoor eerder in de Bijstand belanden, meer inkomensbescherming krijgen. "Niet alleen het opeten van het eigen huis blijft daarbij uit den boze, ook het wegtoetsen van hun uitkering wegens een verdienende partner is voor de FNV niet aan de orde", aldus de vakcentrale maandag.

Het kabinet heeft werkgevers- en werknemersorganisaties in de Sociaal-Economische Raad (SER) om advies gevraagd hoe de kosten van de werkloosheidsuitkeringen omlaag kunnen. Vanaf 2006 wil het zelf 280 miljoen euro besparen door de zogeheten kortdurende WW af te schaffen. De sociale partners vrezen dat hiervan vooral jongeren en flexwerkers de dupe zijn. Daarom proberen zij nu met een alternatief bezuinigingsvoorstel te komen.

Absolute bodem

De FNV houdt wat betreft de hoogte van de WW-uitkering vast aan een absolute bodem van 70 procent van het laatstverdiende loon. De vakcentrale pleit ervoor dat iedereen in de eerste fase van werkloosheid 90 procent van het laatste loon krijgt. Na dit half jaar zou de uitkering kunnen dalen tot 70 procent, zodat mensen gestimuleerd worden weer aan het werk te gaan.

"Bij werkloosheid moet alles gericht zijn op het vinden van werk. Vooral de eerste maanden zijn daarbij cruciaal", verklaart FNV-bestuurder T. Heerts de achtergrond van de voorstellen. "Door de hogere uitkering hoeven mensen niet in de rats te zitten of ze hun hypotheek of huur nog kunnen betalen."

Oneerlijk

Bij het hervormen van de WW moet volgens Heerts ook voor zowel de korte als de lange termijn goed worden gekeken naar de situatie op de arbeidsmarkt. Volgens de FNV-bestuurder is het bijvoorbeeld oneerlijk om oudere werklozen van boven de 60 jaar te verplichten om te solliciteren naar banen, die er voor hen niet zijn.

Heerts: "Iedereen roept dat door de vergrijzing en ontgroening een krapte op de arbeidsmarkt gaat ontstaan, maar dat moeten we eerst nog zien. Door innovatie van technieken kunnen bedrijven misschien straks met minder mensen af."