GRONINGEN- De provincies Groningen en Drenthe en de gemeente Groningen leggen het openbaar vervoerbedrijf Arriva een boete op wegens de busstaking donderdag. Dat heeft voorzitter T. Musschenga van het OV-bureau, dat de beide provincies en de gemeente vertegenwoordigt, vrijdag bekendgemaakt.

Volgens Musschenga, tevens CDA-gedeputeerde in Groningen, heeft Arriva zich niet gehouden aan het vervoerscontract met Groningen en Drenthe. Daarin staat dat dagelijks openbaar vervoer wordt aangeboden in de provincies.

Hoe hoog de boete is, kan de gedeputeerde nog niet zeggen. Dat hangt er ook vanaf of er volgende week opnieuw stakingen zijn. Musschenga vindt niet dat er sprake is van overmacht voor het bedrijf. "Ik kan niet in de interne bedrijfsvoering kijken. Maar in de overeenkomst die wij hebben gesloten, staat dat Arriva voor het openbaar vervoer zorgt. Wel heb ik de indruk dat Arriva er bijna uit was gekomen in de onderhandelingen met de vakbonden, en dat een staking dan te vermijden zou zijn geweest", aldus de gedeputeerde.

Verwacht

Arriva laat in een reactie weten de boete te hebben verwacht. "Er is nu eenmaal een contract waarin staat dat wij dagelijks het openbaar vervoer verzorgen. De provincie heeft ons al eens eerder een boete opgelegd na een staking", aldus een woordvoerder. Het bedrijf houdt er rekening mee dat ook de provincie Friesland een boete oplegt.

Gratis reizen

De vakbonden lieten vrijdag weten volgende week woensdag en donderdag passagiers gratis met Arriva-bussen te laten reizen. De staking van afgelopen donderdag heeft volgens CNV Bedrijvenbond niet geleid tot het gewenste resultaat.

De aanleiding voor de acties is de reorganisatie die Arriva wil doorvoeren, waarbij vijftien buslijnen worden opgeheven en 62 banen geschrapt. Het bedrijf, dat ontslagen niet uitsluit, ziet zich hiertoe genoodzaakt omdat de overheid minder financiële steun geeft voor de exploitatie van het busvervoer in Noord-Nederland.