AMSTERDAM - De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) wil zich niet bemoeien met de supermarktoorlog die in Nederland aan de gang is, blijkt uit het visiedocument Inkoopmacht dat de NMa vandaag publiceert.

Er is geen sprake van een economische machtspositie in de Nederlandse supermarktbranche, zegt een woordvoerder. "Er is voldoende concurrentie en de prijsvoordelen die daar het gevolg van zijn komen ten goede van de consument."

In de Nederlandse foodretail zijn vier grote inkooppartijen, naast een aantal kleinere. Albert Heijn, onderdeel van Koninklijke Ahold nv en Superunie zijn de grootste, met een geschat marktaandeel van rond de 25%. Laurus nv (Edah, Super De Boer en Konmar) en Schuitema nv (C1000) zijn de derde en vierde partij. Schuitema is voor 73% in handen van Ahold.

Het thema 'inkoopmacht', en dan vooral de misbruik daarvan, is e e n van de aandachtspunten van de NMa in 2004. Dit thema werd extra actueel, omdat 's lands grootste supermarktformule Albert Heijn eind 2003 begon met prijsverlagingen op grote schaal, die gevolgd werden door andere supermarktformules.

De prijsoorlog die daardoor ontstond, wordt over de rug van fabrikanten uitgevochten, is het verwijt van de fabrikanten. Als ze niet ingaan op de inkoopprijs die de supermarkt verlangt, verdwijnen hun producten van het winkelschap en worden ze vervangen door huismerken.

In totaal zijn er 24 reacties binnengekomen bij de NMa op een eerder dit jaar gepubliceerd consultatierapport over het thema Inkoopmacht. Daar zitten onder meer 15 reacties van brancheorganisaties tussen en 5 van individuele marktpartijen. De NMa wil niet zeggen welke partijen gereageerd hebben.