Vakbonden CNV Vakmensen en FNV hebben een akkoord bereikt met werkgevers over een cao voor de bouw- en infrastructuursector.

De bonden melden woensdag onder meer overeenkomst over een loonsverhoging van 1 procent voor 2017. In 2018 komt daar nog een verhoging van 0,75 procent bij.

Naast de loonsverhogingen is ook afgesproken dat de werkgevers hun bijdrage aan de ziektekostenverzekering van werknemers verhogen met 5 euro per maand.

Vanaf 1 januari 2019 gelden bovendien de wettelijke opzegtermijnen voor een beëindiging van het dienstverband.

De cao, die nog ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de vakbondsleden, geldt voor ruim honderddduizend medewerkers in de bouw en heeft een looptijd van februari 2017 tot 1 april 2018.

Kortlopend

"Door te kiezen voor een kortlopende cao kunnen we 2017 gebruiken om een aantal eerder gemaakte afspraken te implementeren, waaronder het individueel budget en de zogenoemde Bouwplaats-ID", zegt  Gijs Lokhorst van CNV Vakmensen. De Bouwplaats-ID geeft de cao-partijen beter zicht op wie er waar en wanneer werkt.

De vakbonden zeggen bovendien te willen onderzoeken hoe er meer banen in de sector gecreëerd kunnen worden.

CNV zegt in een volgende cao afspraken te willen maken om de inzet van flexwerkers terug te dringen. Ook willen de bonden de "alsmaar stijgende startleeftijd van de AOW-uitkering een halt toe roepen".