IMF verlaagt groeiverwachting Nederlandse economie

De Nederlandse economie groeit volgend jaar waarschijnlijk duidelijk minder sterk dan eerder werd verwacht, blijkt uit nieuwe ramingen die het Internationaal Monetair Fonds (IMF) dinsdag heeft gepresenteerd.

Het fonds verwacht dat de groei van de Nederlandse economie dit jaar uitkomt op 1,7 procent en volgend jaar afzwakt naar 1,6 procent.

Die ramingen komen overeen met de verwachtingen van het Centraal Planbureau, maar zijn minder optimistisch dan de vorige inschattingen van het IMF. In april werd namelijk nog een versnelling tot bijna 2 procent in 2017 voorspeld.

De nieuwe ramingen zijn ook minder positief over de werkloosheid, die minder sterk afneemt dan een halfjaar geleden werd verwacht. Het IMF voorziet nu een daling tot 6,5 procent van de beroepsbevolking in 2017, van 6,9 procent vorig jaar. Eerder werd een afname tot 6,2 procent voorspeld.

Rijkere landen

Het somberdere beeld past bij de prognoses voor alle rijkere landen, die volgens het IMF blijven steken op een ''teleurstellend lage'' groei. Daarbij werden vooral de verwachtingen voor de Amerikaanse economie flink teruggeschroefd.

In de VS wordt nu een groei van 1,6 procent voorspeld voor 2016, in plaats van de plus van 2,2 procent die in juli nog werd geraamd. Dat niveau wordt nu voor 2017 verwacht, terwijl voor volgend jaar eerder nog een expansie van 2,5 procent werd ingetekend.

In opkomende landen trekt de groei over het algemeen wat aan, na de afzwakking van de afgelopen jaren. Dat geldt echter niet voor China, waar de plus van bijna 7 procent van 2015 naar verwachting afzwakt tot 6,6 procent dit jaar en 6,2 procent in 2017.

Brazilië tekent volgens het IMF volgend jaar weer een kleine groei op, na een krimp van ruim 3 procent dit jaar. Een vergelijkbaar scenario geldt voor Rusland, waar de huidige stevige recessie naar verwachting eveneens volgend jaar wordt beëindigd.

Onvrede

De economische groei zit acht jaar na de financiële crisis wereldwijd nog altijd vast in een lage versnelling, die tot steeds meer onvrede leidt. Daardoor groeit de wens om economieën af te schermen van het buitenland, wat de toch al matige vooruitzichten verder ondermijnt, aldus het IMF.

Daarin voorspelt het IMF een in historisch opzicht matige groei van de internationale economie, van net iets meer dan 3 procent in 2016 en 2017.

Dat ''langzame en gebrekkige'' herstel vormt volgens het fonds een gevaar op zich, omdat het de ideale voedingsbodem vormt voor politici die grenzen willen sluiten, zowel voor migranten als voor internationale handel.

Maatregelen die landen van de wereld trachten af te sluiten, zouden de problemen echter juist verergeren, waarschuwt het IMF, omdat ze de ''productiviteit, groei en innovatie'' wereldwijd nog verder de kop indrukken. ''We brengen de wereldeconomie nog verder in het slop als we de klok op het gebied van de handel terugdraaien'', stelt IMF-hoofdeconoom Maurice Obstfeld.

Protectionisme

Overheden staan in de strijd tegen het protectionisme voor de taak om hun economie weer tot leven te wekken, benadrukt het IMF. Het fonds ziet de protectionistische neigingen vooral in landen waar de ongelijkheid de laatste jaren is gegroeid. De Britse keuze om de EU te verlaten is daarvan volgens het IMF een sprekend voorbeeld, net als de protectionistische uitlatingen in de Amerikaanse presidentscampagnes.

De definitieve gevolgen van de Brexit laten volgens het fonds waarschijnlijk nog jaren op zich wachten. Ondertussen vergroot het Britse besluit om de EU te verlaten echter wel de onzekerheid over anti-EU gevoelens in andere landen, terwijl de druk op politici om ''populistische maatregelen'' te nemen en zich af te wenden van het buitenland wereldwijd toeneemt.

ECB

De regeringen leunen volgens het IMF nog altijd te veel op centrale banken, die met hun ruime stimuleringsbeleid wel op het juiste spoor zitten, maar de economie niet blijvend kunnen versterken. Daarvoor moeten overheden hun investeringen in onderwijs, technologie en infrastructuur, waar mogelijk, opvoeren en de inkomensongelijkheid verkleinen.

De econoom benadrukt dat de Europese Centrale Bank (ECB) de Europese economie niet in zijn eentje uit het slop kan trekken. Voor echte verbetering is overheidsbeleid nodig, dat de vraag in sterkere eurolanden een stevige impuls kan geven. Daarmee zouden de nadelige bijwerkingen van de lage rente die de ECB hanteert ook worden beperkt.

Het IMF vindt dat juist de criticasters van de ECB meer kunnen doen om het stimuleringsbeleid van de centrale bank te laten werken. Landen als Nederland en Duitsland moeten daarvoor de huidige lage rente aangrijpen voor extra investeringen, zodat de economische groei en inflatie in de eurozone op een hoger peil komt, stelt Obstfeld, dinsdag.

Veel eurolanden richten zich in de ogen van Obstfeld nu te veel op het huidige niveau van hun schuld en de noodzaak om die te verlagen. ''Die schuld moeten we niet negeren, maar met de bijzonder lage rente is het nu vooral verstandig om investeringen te doen die de economie uiteindelijk laten groeien. Op die manier zal de schuld ook dalen.''

Lees meer over:
Tip de redactie