Deskundigen oordelen dat Wet werk en zekerheid doel mist

De Wet werk en zekerheid (Wwz) mist de beoogde uitwerking om ontslag eenvoudiger te maken en de kloof tussen vaste medewerkers en flexwerkers te verkleinen. 

Dit vindt een groep van ruim duizend bedrijfsjuristen, ondernemers, en arbeidsrechtadvocaten, zo blijkt uit een onderzoek van de Erasmus Universiteit in opdracht van de Vereniging Arbeidsrecht Advocaten Nederland (VAAN) en de Vereniging voor Arbeidsrecht (VvA)

Rechters wijzen met de nieuwe wet, die precies een jaar geleden werd ingevoerd, vaker ontslagverzoeken van bedrijven af. In Rotterdam gebeurde dat sinds 1 juli 2015 zelfs vier keer zoveel.

Dat staat haaks op de bedoeling van de wet, die ontslag eenvoudiger, sneller en minder kostbaar voor werkgevers moet maken.

Werkgevers moeten nu een steviger ontslagdossier opbouwen wil de rechter het goedkeuren. Werkgevers zijn daarom eerder geneigd om in een zaak te schikken, blijkt eveneens uit het onderzoek. Om deze reden geven bedrijven flexkrachten ook minder snel een contract. 

Geen aanpassingen

Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken), die in 2013 aan de wieg stond van de Wwz, laat in een reactie weten dat de uitkomst van het onderzoek geen reden is om iets aan de wet te veranderen.

"De wet werkt werkt zoals die is bedoeld. De willekeur dat de ene werknemer heel veel geld meekrijgt bij ontslag en de ander juist heel weinig moet eruit. Er moet netjes met de rechten van de werknemers worden omgegaan", zegt Asscher.

Dat er minder ontslagzaken voor de rechter komen, vindt Asscher prima. "Werkgevers en werknemers komen er vaker samen uit. Naar de rechter gaan is geen doel op zich", aldus de bewindsman. 

Kritiek

Het is voor het eerst sinds de invoering van de Wwz dat er uitgebreid onderzoek is gedaan. De wet moet mensen sneller aan een vaste baan helpen en de flexcontracten terugdringen, maar al vrij snel kwamen er signalen vanuit de Tweede Kamer dat het tegenovergestelde gebeurde.

D66 heeft inmiddels een debat aangevraagd met Asscher om de problemen te bespreken.

De minister beloofde donderdag ook om in gesprek te gaan met de rechters over het afwijzen van ontslagaanvragen vanwege een lage transitievergoeding. ''Dat is niet de bedoeling'', aldus Asscher. 

Ontslagvergoeding

Verder blijkt uit de enquête dat de ontslagvergoedingen nu gemiddeld lager uitvallen dan voorheen. Werknemers hebben na twee jaar recht op de transitievergoeding, die wordt gebaseerd op het aantal dienstjaren en het salaris. De vergoeding is maximaal 76.000 euro of gelijk aan een jaarsalaris.

Ontslag voor werkgevers is daarmee niet per se goedkoper geworden. De gratis route via het UWV is namelijk alleen nog mogelijk bij ontslagzaken vanwege langdurige arbeidsongeschiktheid en vanwege bedrijfseconomische redenen.

Asscher benadrukt dat je in Nederland een goede reden moet hebben om iemand te ontslaan. "Werkgevers die iemand gratis wil ontslaan zonder opgave van een goede reden, moeten naar een ander land of een andere minister. Ik ben daar niet van."

Er waren ook rechters die ontslagverzoeken afwezen omdat zij de transitievergoeding te laag vonden. Dat past niet binnen het stelsel van de wet, aldus Assher. 

Meer zekerheid

De vakbonden weerspreken dat de Wwz niet werkt. De FNV, de grootste vakbond in Nederland, deed onderzoek naar 4.500 ontslagdossiers en de cao-afspraken van het afgelopen jaar. Daaruit concludeert FNV dat werknemers nu meer zekerheid hebben bij ontslag en er zouden meer vaste banen zijn bijgekomen.

Volgens het CNV is er sprake van een kentering en is er in bepaalde sectoren sprake van een groeiende werkgelegenheid. De vakbond is bereid tot maatwerk als er problemen zijn bij de werkgevers.

Voor de analyse werden dossiers gebruikt uit het laatste kwartaal van 2014 toen de wet nog niet was ingevoerd en het laatste kwartaal van 2015 na invoering van de Wwz.

Lees meer over:
Tip de redactie