VOORBURG - Het ziekteverzuim onder werknemers in het bedrijfsleven lijkt zich te stabiliseren. Het aantal zieken in de niet-commerciële dienstverlening laat een dalende lijn zien.

Het verzuim in de gezondheids- en welzijnszorg is gedaald van ,3 procent in 2000 naar 8,9 procent vorig jaar. Dat betekent dat in 2001 per dag gemiddeld een op de elf medewerkers in de zorg ziek thuis heeft gezeten, aldus het
Centraal Bureau voor de Statistiek

Het totale ziekteverzuim daalde vorig jaar in de niet-commerciële dienstverlening van 8,2 naar 8 procent. Dat is nog altijd fors hoger dan in het bedrijfsleven. In 2001 zat per dag gemiddeld een op de zestien personeelsleden in dienst van een bedrijf ziek thuis. Daarmee is het verzuim gelijk gebleven aan , gemiddeld 6,1 procent.

Personeelsleden van grote ondernemingen melden zich vaker ziek dan hun collega's bij kleinere bedrijven. Het verzuim bij ondernemingen met honderd werknemers of meer kwam vorig jaar gemiddeld uit op 8 procent. Bij bedrijven met tien tot honderd personeelsleden zat doorgaans 5,2 procent ziek thuis en bij kleinere bedrijven 3,3 procent.

De landbouw blijft volgens het CBS wederom de bedrijfstak met het laagste ziekteverzuim. In 2001 zat gemiddeld op een dag slechts een op de 27 landbouwmedewerkers ziek thuis. Daarmee komt het verzuim in deze sector neer op 3,7 procent, tegen 4,2 procent in .