Het steenkoolverbruik in Nederland is in de eerste helft van dit jaar met ruim een kwart toegenomen. 

Er ging alles bij elkaar 9 miljard kilogram kolen doorheen, 27 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Dat meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vrijdag. Het hogere verbruik kwam grotendeels voor rekening van de elektriciteitscentrales.

De stroomcentrales verstookten fors meer van het vervuilende spul dat de laatste jaren flink in prijs is gedaald. In het eerste halfjaar lag de steenkoolprijs 38 procent lager dan in 2008.

Vanwege hun impact op het milieu zijn de kolencentrales veel mensen inmiddels een doorn in het oog. In de Tweede Kamer vindt een meerderheid dat de kolencentrales geleidelijk dicht moeten en dat er geen nieuwe meer bij mogen komen. Deze week werd daarover een motie ingediend.

ING

ING zei vrijdag met het oog op klimaatverandering per direct te stoppen met de financiering van nieuwe kolencentrales. Evenmin worden nog leningen verstrekt aan nieuwe klanten in de energiebranche die voor meer dan de helft leunen op steenkool.

Door de lagere kolenprijs kunnen elektriciteitscentrales wel steeds goedkoper stroom produceren, blijkt uit de gegevens van het CBS. Dat levert ons land een exportvoordeel op. De uitvoer van elektriciteit naar België groeide in het eerste halfjaar met 47 procent.

In Nederlandse cokesfabrieken en in de ijzer- en staalindustrie was eveneens meer vraag naar steenkool. Kolen produceren beduidend meer koolstofdioxide (CO2) dan bijvoorbeeld gas, maar daar staat tegenover dat steenkool als brandstof momenteel beduidend goedkoper is dan aardgas.

De steenkool die Nederland verbruikt, moet uit het buitenland worden ingevoerd. Vorig jaar importeerde ons land ruim 27 miljard kilogram steenkool, met een waarde van bijna 1,9 miljard euro. Nederland koopt vooral veel steenkool uit Colombia, de Verenigde Staten en Zuid-Afrika. Ruim een derde hiervan wordt ook weer door verhandeld. Er is vooral veel wederuitvoer via de binnenvaart over de Rijn naar Duitsland.