DEN HAAG - Ticketbureaus, waarbij kaartjes voor concerten, theaterbezoek en andere evenementen kunnen worden besteld, wentelen extra kosten ten onrechte af op de consument. Gaat een voorstelling niet door, dan moet het ticketbureau die extra kosten bij de organisator vergoed zien te krijgen en niet afwentelen op de koper van een kaartje. Dat stelt de Consumentenbond in de vrijdag verschenen editie van de Consumentengids.

Voor kaartjes voor grote voorstellingen maken Nederlanders steeds vaker gebruik van ticketbureaus, zoals TopTicketLine, TicketService en TicketBox. Die treden op als een soort tussenpersoon tussen organisator en consument. Voor de bemiddeling telt een bureau meestal een paar euro bij de 'kale' ticketprijs. De meerprijs, zogeheten servicekosten, varieert van 2,80 tot 4,45 euro. Bestel je via internet, dan komt daar nog eens 0,89 tot 2,43 euro per kaartje bij.

Volgens de ticketbureaus worden met de meerkosten de organisatie van de kaartverkoop betaald. De Consumentbond vindt het eerlijker dat de organisator, die het ticketbureau inhuurt, het grootste deel van die kosten draagt in plaats van de consument. Vooral ook, omdat de consument vaak geen goedkoper alternatief heeft dan een (duur) ticketbureau.

De bond wijst op de gang van zaken bij het niet doorgaan van een voorstelling. Consumenten krijgen in dat geval de 'kale' ticketprijs vergoed, maar zijn de servicekosten wel kwijt. Onterecht, meent de Consumentenbond. De organisator is degene die het risico moet dragen als een voorstelling niet doorgaat en zal dus ook de gemaakte kosten moeten vergoeden.