Staatssecretaris Mansveld ziet geen reden zzp-piloten aan te pakken

Staatssecretaris Wilma Mansveld van Infrastructuur ziet vooralsnog geen reden om het werken met zzp-piloten aan banden te leggen.

Dat schrijft zij dinsdag in antwoord op vragen van CDA-Kamerlid Martijn van Helvert.

Piloten die voor prijsvechters vliegen, werken vaak als zzp’er met een nulurencontract of in een zogenoemde pay-to-fly-constructie.

Bij een pay-to-fly-constructie heeft de piloot in wezen een schuld bij de luchtvaartmaatschappij, die hij terugbetaalt door vluchten te maken. De piloot verdient hiermee vlieguren, maar heeft een onzekere verhouding met zijn werkgever.

Europarlementariërs van PvdA, CDA en ChristenUnie lieten onlangs weten dit onveilig te vinden. Het gaat vaak om onervaren piloten.

Volgens Mansveld zijn er op dit moment geen nationale maatregelen nodig, omdat het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA) bezig is met de kwestie. Bovendien maakt de Nederlandse luchtvaartsector maar weinig gebruik van dergelijke contracten.

Uit onderzoek van de Universiteit van Gent is gebleken dat 16,1 procent van de piloten in Europa werkt met een andere contractvorm dan de arbeidsovereenkomst in rechtstreeks dienstverband.

Hoewel er geen exacte gegevens zijn over de situatie in Nederland, "worden deze constructies voor zover bekend niet op grote schaal gebruikt door Nederlandse maatschappijen", aldus Mansveld.

Afschuiven

Van Helvert vindt dat er sprake is van het afschuiven van verantwoordelijkheden, zo laat hij desgevraagd weten aan NU.nl. "De staatssecretaris vindt het van belang dat er iets gebeurt, maar wij moeten het zelf niet doen", concludeert hij.

"Het zijn nationale overheden die luchthavens faciliteren, dit soort omstandigheden moeten we niet willen. Piloten worden zo onder druk gezet dat ze in wanhoop alles accepteren."

Bovendien vreest Van Helvert voor de veiligheid. "Piloten zijn in deze constructies niet goed uitgerust en kunnen hun hoofd er niet bij houden." Het CDA-Kamerlid gaat vervolgvragen stellen.

Lees meer over:
Tip de redactie