De Nederlandse overheid heeft voor 11,9 miljard euro aan Griekenland geleend. Dat komt neer op ruim 700 euro per Nederlander. 

Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dinsdag.

De Europese landen samen hebben 195 miljard euro uitgeleend aan de Griekse overheid. De Griekse overheidsschuld bestaat tegenwoordig voornamelijk uit leningen van Europese landen in plaats van staatsobligaties.

Voordat in 2010 de Griekse schuldencrisis uitbrak, bestond de Griekse overheidsschuld net als voor de meeste eurolanden voor meer dan 80 procent uit staatsobligaties.

De bijdrage van elk Europees lidstaat is bepaald met een verdeelsleutel die is gebaseerd op het bruto binnenlands product (bbp). Daardoor is ruim een kwart van de leningen verstrekt door Duitsland, gevolgd door Frankrijk, Italië en Spanje.

Nederland

Nederland is met de 11,9 miljard euro (6,1 procent van het totaal) de vijfde verstrekker van Europese leningen aan Griekenland.

Naast de Europese leningen heeft Griekenland een lening van het IMF gekregen. Ook bezit de Europese Centrale Bank (ECB) Griekse staatsobligaties.

De Nederlandse overheid loopt op beide een indirect financieel risico doordat Nederland mogelijk extra kapitaal moet verstrekken aan deze instellingen als Griekenland haar schulden niet terugbetaalt, aldus het CBS.

Op de Griekse staatsobligaties is door de ECB winst gemaakt, maar deze wordt sinds 2013 door de Europese landen weer volledig teruggegeven aan Griekenland. Voor Nederland ging het om meer dan 100 miljoen euro per jaar in 2013 en 2014.

Wat u moet weten over het akkoord met Griekenland | Overzicht hulpleningen Griekenland 

Dit moet u weten over een 'Grexit' | Dossier Griekenland