Op dit moment zijn juridische stappen vanuit Nederland tegen de internationaal omstreden tolplannen van het Duitse kabinet niet aan de orde.

Dat schrijft minister Melanie Schultz van Haegen (Infrastructuur) dinsdag aan de Tweede Kamer op vragen van de VVD. "Op dit moment is een gang naar het Europese Hof van Justitie niet aan de orde", schrijft Schultz. De bewindsvrouw liet eerder al weten fel tegen de plannen te zijn.

In december stemde het Duitse kabinet in met de tolplannen waardoor er vanaf 2016 betaald moet worden voor het gebruik van de autobahnen. Duitse automobilisten merken weinig van deze tolheffing omdat tegelijkertijd de wegenbelasting voor hen wordt verlaagd.

Eurocommissaris Violeta Bulc noemde de tolheffing een schending van het ''fundamentele beginsel van niet-discriminatie'' in de EU. 

Schultz vindt dat het in eerste instantie aan de Europese Commissie is om te kijken of de Duitse wetsvoorstellen in overeenstemming zijn met EU recht.

Vooral Nederland en Oostenrijk zijn tegenstanders van de tolplannen, bewoners in de grensstreek worden hier ook het hardst door getroffen. Nederlandse automobilisten die vergeten tol te betalen, kunnen een boete van maximaal 260 euro verwachten. Daar komt de verplichte aanschaf van een jaarpas van maximaal 130 euro bovenop.

Vaarwegen

Schultz is ook tegen een mogelijk Duits plan om ook tol te gaan heffen op vaarwegen, schrijft ze in dezelfde brief. Volgens de minister zijn de plannen voor tol op vaarwegen ''nog in een stadium van voorbereiding''. Het is derhalve nog niet te beoordelen, maar Schultz is er ''geen voorstander'' van. Het plan is in 2011 ook al eens geopperd door de toenmalige Duitse regering.

Tolheffing op de Rijn is onmogelijk door de Akte van Mannheim uit 1868. Wijziging van de Akte kan alleen met unanieme steun van de vijf betrokken landen Nederland, Duitsland, Frankrijk, België en Zwitserland. Op andere vaarwegen kan de Duitse regering wel tol gaan invoeren.