De afgelopen jaren zijn ruim zeshonderd kandidaten door de Nederlandsche Bank (DNB) afgewezen voor een topfunctie bij een financiële instelling. 

Ze waren niet geschikt of hun betrouwbaarheid stond niet buiten twijfel.

DNB beoordeelde vanaf 2011 5.469 kandidaten op hun geschiktheid om bestuurder of commissaris te worden bij een financiële instelling. Van hen werden er 614 'afgetoetst', blijkt uit maandag door DNB gepubliceerde cijfers.

Per sector zijn er verschillen. Zo werden er bij pensioenfondsen en banken verhoudingsgewijs minder personen niet geschikt bevonden (respectievelijk 8 en 11 procent) dan bij trustkantoren (36 procent) en betaalinstellingen (38 procent). Verder blijkt dat grote instellingen vaker geschikte kandidaten voordragen.

Toetsing

DNB toetst vanaf januari 2011 kandidaat-bestuurders behalve op hun betrouwbaarheid intensiever op hun geschiktheid. Vanaf juli 2012 geldt dat ook voor commissarissen.

De toezichthouder zegt de indruk te hebben dat de verscherpte aanpak goed werkt en bijdraagt aan de kwaliteit van het bestuur en het toezicht bij financiële instellingen.

Bestuurders en commissarissen die eenmaal door de toets zijn gekomen, worden bij een herbenoeming niet opnieuw door DNB getoetst.