Werknemers moeten in de toekomst een persoonlijk pensioenpotje gaan opbouwen. De doorsneepremie, waardoor jongeren meebetalen aan de oudedagsvoorziening van ouderen, moet verdwijnen. 

Maar om risico's zoveel mogelijk samen te delen, moet het nieuwe pensioensysteem wel collectieve elementen blijven houden. Dat staat in een ontwerpadvies van de Sociaal-Economische Raad (SER) aan staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken). 

De SER, een adviesorgaan van werkgevers, vakbonden en onafhankelijke deskundigen, heeft in totaal naar vier varianten gekeken, waaronder een geheel vrijwillige regeling of een nationale pensioenregeling.

Van die vier varianten werd uiteindelijk de persoonlijkere pensioenpot naar voren geschoven, hoewel de andere varianten nog niet van tafel zijn. De SER wil zijn ideeën de komende tijd uitwerken.

Pensioenuitkering

In het huidige pensioenstelsel sparen werknemers via hun werkgever voor een aanvullend pensioen, naast hun AOW. In de meeste cao's gebeurt dat verplicht. De pensioenfondsen, die bestuurd worden door bonden en werkgevers, garanderen een bepaalde pensioenuitkering als iemand zijn pensioenleeftijd heeft bereikt.

De afgelopen jaren is echter gebleken dat die garanties niet altijd waar te maken zijn. Pensioenfondsen kwamen door de financiële crisis en door de stijgende levensverwachtingen in de problemen. Ze konden daardoor hun pensioenen niet meer jaarlijks aan het prijspeil aanpassen. In een aantal gevallen moesten ze zelfs verlagen.

Aanpassingen

Omdat de pensioenen onder druk staan, zijn er aanpassingen nodig, zegt de SER. Bovendien hebben mensen behoefte aan meer keuzevrijheid. Ook moet het nieuwe pensioenstelsel rekening houden met veranderingen in de arbeidsmarkt.

Zo wisselen werknemers vaker van baan dan vroeger en komen er ook steeds meer zzp'ers. Het pensioensparen moet daarom veel persoonlijker worden: iedereen bouwt zijn eigen pensioenvermogen op, maar de risico's worden wel collectief gedeeld.

Klijnsma komt nog voor de zomer met voorstellen over hoe het pensioenstelsel kan veranderen. Ze heeft de afgelopen maanden adviezen ingewonnen van belanghebbenden. Ze wil nu nog wachten op het oordeel van de SER en het Centraal Planbureau.

Positief

De eerste reacties op de plannen zijn overwegend positief. Vakcentrale VCP ziet in het voorstel aandacht voor de toenemende mobiliteit van mensen en het toenemend aantal werkenden dat geen aanvullend pensioen opbouwt. 

Een toekomstig pensioenstelsel waarin deelnemers een ‘persoonlijk pensioenvermogen’ opbouwen, maar wel collectief verzekeringsrisico’s delen en gezamenlijk beleggen, is zeer kansrijk, stelt het Verbond van Verzekeraars.

Hervormen

D66 ziet het pensioenadvies als ''een mooi aanknopingspunt om het stelsel stevig te hervormen''. ''Ik ben positief over hun streven om te komen tot individuele pensioenpotjes'', zegt Tweede Kamerlid Steven van Weyenberg in een reactie. Ook vindt hij het goed dat de SER af wil van de doorsneepremie, waardoor jongeren meebetalen aan de pensioenvoorziening van ouderen.

Wel zijn de voorstellen volgens hem nog vaag en moeten ze verder worden uitgewerkt. De overgang van het huidige pensioenstelsel naar een ander systeem wordt volgens hem nog een ''hele kluif''.

Maatwerk 

De ChristenUnie noemt het ''een interessante gedachte'' om in het pensioenstelsel te zorgen voor ''meer maatwerk'' en ruimte voor individuele behoeften. Tweede Kamerlid Carola Schouten zegt dat in reactie. ''De SER moet deze gedachte zeker uitwerken'', vindt Schouten.

In het huidige pensioenstelsel wordt er volgens haar te veel van uitgegaan dat voor iedereen hetzelfde moet gelden, zegt ze. De ChristenUnie wil echter wel ''een stuk collectiviteit behouden'', zoals de SER ook voorstelt.

Keuzevrijheid 

De VVD vindt dat het pensioenstelsel meer keuzevrijheid moet bieden. Ook moet het beter aansluiten op de veranderingen in de arbeidsmarkt. ''Mensen werken immers geen veertig jaar meer bij dezelfde werkgever'', aldus Kamerlid Helma Lodders in een reactie. 

De VVD'er pleit voor een ''fundamentele discussie over het hele pensioenstelsel''. Lodders wijst erop dat daaraan op dit moment ongeveer zeven miljoen mensen deelnemen.