"Dit is een investeringsoffensief''. De voorzitter van de Europese Commissie, Jean-Claude Juncker klonk woensdag strijdvaardig bij de presentatie van zijn investeringsplan voor Europa. 

''Europa kan weer het epicentrum worden voor investeringen", aldus Juncker.

Brussel wil Europa weer aan het investeren krijgen om zo de stagnerende economie aan te jagen en banen te creëren.

Te veel grote projecten liggen stil of komen niet van de grond omdat particuliere investeerders de hand op de knip houden.

Fonds

Er komt een nieuw Europees Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI) met 21 miljard euro uit de Europese begroting en van de Europese Investeringsbank. Het fonds zal werken als een hefboom en dan voor zeker 315 miljard euro aan investeringen kunnen aantrekken, aldus Brussel. Vicevoorzitter Jyrki Katainen noemde het fonds een ''magneet''.

Juncker sprak tegen dat geld wordt rondgepompt, maar had het over optimaliseren van Europees geld. ''De economie moet groeien zonder nieuwe schulden te maken. We moeten het geld dat er is, bij investeerders, in de markten, op bankrekeningen, voor ons laten werken.''

Storten

De EU-lidstaten kregen een oproep ook een bijdrage te storten in het fonds. Juncker beloofde dat die inleg niet meetelt bij de toetsing van het begrotingstekort aan de Europese norm van 3 procent. ''Groei in Spanje betekent groei in Frankrijk. Wij hangen aan elkaar, ons lot is aan elkaar verbonden en dus moet er onderlinge solidariteit zijn.''

Een commissie zal projecten toetsen voordat ze geld krijgen uit het fonds. Juncker wil dat het geld bijvoorbeeld gaat naar oplaadpunten voor elektrische auto's langs snelwegen.

Nederland

Ook Nederland heeft voldoende goede projecten die kunnen profiteren van het aangekondigde fonds, zo stelt Europees Commissaris Frans Timmermans woensdag in Straatsburg.

''Wie met de beste plannen komt, maakt de meeste kans op geld. Ik weet zeker dat Nederland goede projecten heeft en ik weet zeker dat Nederland daarop zal inspelen.''
 
Timmermans wil geen voorbeelden geven van mogelijke projecten die Nederland zou moeten indienen. Ook benadrukt hij dat de open, Nederlandse economie flink zal profiteren als het investeringsklimaat in andere delen van Europa aantrekt.

Startkabel

De 315 miljard is onvoldoende om de hele Europese economie uit het slop te trekken, erkent Timmermans. Maar hij ziet het fonds dan ook meer als de startkabel van een auto. ''Die start de auto op, maar de auto blijft echt niet rijden als de motor niet deugt.''

Daarom gaat dit plan ook alleen maar werken als lidstaten hun economie blijven hervormen. ''Geen investeerder zal geld willen steken in onzinprojecten of in projecten in landen waar geen groeikansen zijn.''
 
Volgens Timmermans slaat Europa nu echt een bladzijde om. ''Dit is een andere manier van werken en een breuk met het verleden. We hopen nu met dit fonds meer te kunnen doen voor dezelfde projecten.''

Onderwijs

In de begeleidende teksten van de Europese Commissie staat dat Nederland meer zou moeten investeren in de kwaliteit van het onderwijs. Ook in onderzoek en innovatie liggen investeringskansen. 

''De langetermijngroeivooruitzichten voor Nederland kunnen verhoogd worden door de kwaliteit van onderwijs te verbeteren en het in goede banen leiden van extra financiering voor fundamenteel onderzoek."

Bovendien loopt Nederland, net als andere landen in Europa, achter bij het overschakelen op duurzame energieproductie. Er zijn dus investeringen nodig om dit gat te vullen, aldus de commissie.
 
Sinds het uitbreken van de crisis in 2008 hebben met name particuliere investeerders de hand op de knip gehouden. Dat kwam mede door ontwikkelingen op de huizenmarkt. Met name de bouw heeft gemerkt dat er minder geïnvesteerd werd.

Positief

Het kabinet is positief over het investeringsplan van de Europese Commissie. Minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën steunt het plan, omdat het aanjagen van investeringen kan helpen de groei in de eurozone te versterken.

Dat moet dan wel gepaard gaan met het doorvoeren van hervormingen en gezonde overheidsfinanciën.
 
Nederland heeft zelf ook een lijst aan projecten ingediend die mogelijk in aanmerking komen voor subsidie uit het fonds. Het gaat om private projecten in onder meer de sectoren energie, ICT en transport.

Ze zijn volgens Dijsselbloem in potentie economisch haalbaar, maar nog niet van de grond gekomen door regelgeving en onvoldoende financiering.