Directeur-bestuurder van Vestia Erik Staal, die deze woningcorporatie aan de rand van de afgrond bracht door te riskante financiële avonturen, kreeg nooit tegenspraak.

''Als hij zei dat het rood was, was het rood'', schetste Gerard Erents, voormalig interim-bestuurder bij de corporatie, donderdag de sfeer in het bedrijf. Hij verscheen donderdag als getuige voor de Parlementaire Enquêtecommissie Woningcorporaties.

Staal, die in het bedrijf toch populair was, trad af wegens kolossale tegenvallers na de aanschaf van risicovolle beleggingsproducten (derivaten).

De situatie was in 2012 uiteindelijk zo beroerd, dat het salaris van de medewerkers maar met moeite kon worden opgebracht en er bijna geen papier meer was voor de printers, vertelde Erents. Een leverancier eiste contante betaling omdat hij het allemaal niet meer vertrouwde.

Afkopen

Het afkopen door Vestia van de gevaarlijke derivatenportefeuille kostte 2 miljard euro, een bedrag waaraan andere corporaties bijna 700 miljoen moeten meebetalen. Huurders van een corporatiehuis merken daar bijvoorbeeld van dat er minder wordt gerenoveerd, aldus Erents.

Volgens hem krijgen nieuwe huurders van Vestia erdoor ook met een extra huurverhoging te maken. Een faillissement van Vestia was echter nog dramatischer geweest met een schade van tussen de 3 en 5 miljard plus maatschappelijke onrust. Vestia is de grootste corporatie van het land.

Erents, gezaghebbend in de sector, vindt wel dat de corporaties op zich ''vreselijk goed" hebben gepresteerd. Nederland heeft bijvoorbeeld niet van die armzalige buitenwijken zoals je ze bij Parijs ziet, stelde hij vast, de zogenoemde banlieues. ''Maar ik denk niet dat we het laatste incident hebben gehad. Daar ben ik pessimistisch over.''

Alles over Vestia | Aanhouding collega schokte oud-topman Vestia