Pensioenfondsen blijven fel gekant tegen de invoering van de financiële transactietaks (ftt), ook als de elf deelnemende landen de werking ervan beperken.

De fondsen vrezen dat hun deelnemers uiteindelijk voor de kosten opdraaien. Dat heeft de Europese brancheorganisatie Pensions Europe dinsdag laten weten naar aanleiding van het akkoord om de belasting per 2016 in te voeren.

Volgens de voorzitter van de belangengroep, waar de Pensioenfederatie deel van uitmaakt, worden pensioenfondsen ernstig de dupe van de belasting.

"De alsmaar toenemende stijging van de kosten zal uiteindelijk worden betaald door de pensioendeelnemers via hogere bijdragen en lagere uitkeringen", verklaart Matti Leppälä.

"Er is geen reden om Europese pensioendeelnemers te laten betalen voor de crisis. Zij hebben deze niet veroorzaakt, maar er juist veel last van gehad."

Heffing

Over de invoering van de ftt wordt sinds de kredietcrisis gesproken. Doel van de heffing van 0,1 procent op onder meer aandelentransacties is om 'onverantwoordelijke' aandelenhandel aan te pakken, zoals flitstransacties.

Ook zou de financiële sector via de belasting, die ongeveer dertig miljard euro moet opleveren, meebetalen aan de oplossing van de crisis.

De pensioenfondsen hekelen dat voor hen geen uitzondering is gemaakt. Dat was ook voor Nederland de reden om niet aan de ftt mee te doen. "Maar zelfs als we uiteindelijk wel een uitzondering krijgen, worden de transacties van pensioenfondsen op de financiële markten beïnvloed door de belasting."

Doorberekend

De fondsen vrezen dat de kosten van de taks uiteindelijk aan hen worden doorberekend.

De elf deelnemende landen, waaronder Duitsland en Frankrijk, bereikten maandagavond een akkoord op hoofdlijnen over de invoering.

De belasting stond ook op de agenda van de ecofin, de vergadering van ministers van financiën van de EU-lidstaten. De niet-deelnemende landen hebben daarbij hevige kritiek geuit over het gebrek aan transparantie over de voorstellen.