Duitsland verwacht binnen korte tijd een overeenkomst te kunnen sluiten over invoering van een belasting op financiële transacties.

De belasting zal in eerste instantie wel beperkt zijn, vanwege de hindernissen in de verschillende deelnemende landen. Dat heeft minister van financiën Wolfgang Schäuble maandag in Brussel gezegd.

Schäuble verwacht dat er maandag mogelijk, tijdens een bijeenkomst van de elf landen die de belasting zouden invoeren, een eerste beslissing kan worden genomen.

Daardoor zou aan het einde van het jaar een eerste, beperkte belasting op aandelen en enkele derivaten kunnen worden ingevoerd, aldus de Duitse minister.

"We weten dat we maar één stap per keer kunnen nemen, vanwege de vele ondoorzichtigheden in de verschillende deelnemende landen", zei Schäuble.

De elf landen komen maandag bijeen in de marge van de bijeenkomst van de Eurogroep. Mogelijk staat de belasting ook morgen tijdens de Ecofin, als ook de ministers van financiën uit niet-eurolanden aanschuiven, op de agenda.

Onenigheid

De belasting van 0,1 procent op transacties van aandelen en obligaties had oorspronkelijk al begin dit jaar moeten ingaan. De deelnemers waren het echter nog niet eens over reikwijdte van de heffing.

Zo zou Duitsland ook een heffing op valutatransacties willen, terwijl andere landen en de Europese Commissie vrezen dat dat ten koste gaat van het vrije verkeer van geld binnen de EU.

Flitstransacties

De belasting moet de deelnemende landen 30 tot 35 miljard euro aan inkomsten opleveren. Doel is de Europese markt te versterken en onverantwoordelijke aandelenhandel, zoals flitstransacties, te bemoeilijken.

Critici vrezen dat markten minder liquide worden door de belasting en dat die uiteindelijk moet worden opgebracht door de klanten van banken en pensioenfondsen.

Onder meer Nederland en Groot-Brittannië hebben zich tegen de invoering van de belasting gekeerd. De elf deelnemende landen, waaronder naast Duitsland ook Frankrijk, kunnen echter via een versterkte samenwerking de belasting toch invoeren.