De Europese Unie wil een verbod voor Amerikaanse kaasmakers om hun producten de kenmerkende Europese namen te geven. Dit tot woede van de Amerikaanse kaasboeren.

Het kaasconflict maakt deel uit van de handelsbesprekingen tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten.

Het argument van de EU klinkt als volgt: de Amerikaanse kazen zijn een slap aftreksel van de oorspronkelijke Europese soorten en hebben een negatieve invloed op de verkoop en het unieke karakter van de Europese kazen.

Deze redenering is tegen het zere been van de Amerikanen, die bang zijn voor inkomstenderving - de kaasindustrie in de VS is jaarlijks goed voor 4 miljard dollar - en verwarring bij de Amerikaanse consument als de EU haar zin krijgt.

Schokkend

"Het is echt schokkend dat de Europeanen producten proberen op te eisen die in andere landen populair zijn gemaakt", aldus Jim Mulhern, het hoofd van de Nationale Federatie voor Melkproducenten, de belangenorganisatie van Amerikaanse zuivelboeren.

Brussel heeft zijn exacte eisenpakket nog niet uit de doeken gedaan. Het onderwerp komt deze week ter tafel in een nieuwe gespreksronde tussen de EU en de VS. Een woordvoerder van de Europese Commissie wilde alleen zeggen dat het "een belangrijke kwestie is voor de EU".

Beschermd

Dat de kaaskwestie Brussel aan het hart gaat, werd al duidelijk bij de sluiting van recente handelsovereenkomsten met Canada en Centraal-Amerika. Alleen kazen uit Europa mogen daar de oorspronkelijke naam dragen.

In Canada vervaardigde fetakaas mag bijvoorbeeld alleen als 'feta-achtig' worden omschreven, en op de verpakking mogen geen Griekse letters of verwijzingen naar Griekenland staan.

En het Europese initiatief beperkt zich mogelijk niet alleen tot kaas. Ook andere producten zoals de Franse saucisse de Lyon (bologna of baloney in het Engels), Schwarzwalderham en Parmaham, komen mogelijk op het Europese lijstje van beschermde namen te staan.

Schade

Een groep van 55 Amerikaanse senatoren deed onlangs een oproep aan de Amerikaanse onderhandelaar Michael Froman en minister van landbouw Tom Vilsack om onder geen beding akkoord te gaan met de Europese eisen.

In hun brief schreven de senatoren dat veel "kleine en middelgrote familiebedrijven in hun staten oneerlijke beperkingen zouden worden opgelegd" en dat de export ernstige schade zou oplopen.

Ook grote multinationals die kaas maken verzetten zich tegen de eisen uit Brussel. Kraft redeneert bijvoorbeeld dat de kaasnamen in de VS al lang niet meer als merknamen worden gezien, maar algemene omschrijvingen van een kaassoort zijn geworden.

"Zulke beperkingen zouden niet alleen voedselproducenten veel geld kosten, maar ook verwarrend zijn voor consumenten, als hun favoriete producten niet langer deze algemene namen mogen dragen", zei een woordvoerder van Kraft.

Woedend

Sommige Amerikaanse kaasboeren zijn ronduit woedend: de Europeanen mogen de kazen dan geïntroduceerd hebben in de VS, maar het zijn Amerikaanse bedrijven die de producten populair en winstgevend hebben gemaakt, is hun redenering.

Errico Auricchio, de baas van Belgioioso Cheese in Wisconsin, maakte vroeger met zijn familie kaas in Italië, voordat hij in 1979 verkaste naar de VS. "We hebben jaren en jaren geïnvesteerd in het maken van deze kazen", zegt Auricchio. "Je kan de verspreiding van cultuur niet stoppen, zeker niet in de wereldeconomie."

Feta

Het onderwerp kaas ligt sowieso gevoelig in Europa. Het Europese Hof van Justitie besloot in 2005 dat alleen feta uit Griekenland 'feta' mag heten. Eerder mocht vergelijkbare Deense kaas die naam niet dragen.

Kaasproducenten buiten Griekenland kregen een overgangsperiode van vijf jaar om de naam van onder andere verpakkingen en promotiemateriaal te verwijderen.