De Europese rechter moet zich opnieuw beraden over de vraag of Brussel de inkomensgrens voor sociale huurwoningen mag bepalen.

Dat heeft het Europese Hof van Justitie in Luxemburg donderdag in beroep bepaald. Daardoor ligt een zaak die Nederlandse woningcorporaties hadden aangespannen na enkele jaren opnieuw open.

De Europese Commissie ligt al jaren in de clinch met Nederland over de overheidssteun aan de woningcorporaties. Brussel ziet dit als staatssteun en stelde een inkomensgrens vast als drempel voor toewijzing van een sociale woning. Daardoor zou ondersteuning niet ten goede komen aan corporaties, maar rechtstreeks aan mensen met lage inkomens.

De woningcorporaties vinden het niet aan Brussel om te bepalen wie in Nederland in aanmerking komt voor een sociale woning. Zij vochten het commissiebesluit aan bij het Gerecht van de Europese Unie, maar dat verklaarde de zaak in 2011 niet-ontvankelijk.

De rechters van het hof hebben deze uitspraak van het gerecht donderdag teruggedraaid. Corporaties worden volgens de rechters wel degelijk individueel geraakt door het besluit van de Europese Commissie. Het gerecht moet zich nu opnieuw over de zaak buigen en een oordeel vellen. Dat kan nog wel enkele jaren duren.