Europese banken hebben leningen uitstaan in opkomende landen ter waarde van meer dan 3 biljoen dollar (2219 miljard euro), meer dan vier keer zoveel als de blootstelling van Amerikaanse banken. 

Dat schrijft persbureau Reuters op basis van onderzoek door analisten.

De Europese banken lopen daardoor groter risico als de recente onrust in opkomende economieën als Turkije, Brazilië, India en Zuid-Afrika verder verergert.

De dreiging is het meest acuut voor de Spaanse banken BBVA en Santander, de Britse banken HSBC en Standard Chartered, het Italiaanse UniCredit en het Oostenrijkse Erste Bank, aldus de analisten.

Zo hebben BBVA en UniCredit grote blootstelling aan Turkije, zit Santander diep in Brazilië en zijn HSBC en Standard Chartered gevoelig voor India en Indonesië.

Volgens de analisten lopen de banken het risico dat door stijgende rentes in die landen leningen niet meer terugbetaald worden of dat de behaalde resultaten en het kapitaal in de opkomende landen door zwakke wisselkoersen geraakt worden.

12 procent

De leningen in opkomende landen zijn goed voor circa 12 procent van de bezittingen van de Europese banken, aldus de analisten. Die landen zijn goed voor een flink deel van de winsten van de Europese bankensector.

Onder meer de Turkse lira, de Zuid-Afrikaanse rand, de Russische roebel en de Indiase roepie staan al meer dan een week zwaar onder druk. De centrale banken van Turkije, Zuid-Afrika en India verhoogden de rente om de kapitaalvlucht te stoppen.