Het uitzetten van de verlichting langs snelwegen kost vooralsnog meer dan het oplevert.

Dat schrijft het AD. Rijkswaterstaat is tonnen kwijt aan het handmatig inschakelen van verlichting bij wegwerkzaamheden en ongevallen, zo blijkt uit documenten in bezit van de krant.

De maatregel had 0,6 miljoen euro per jaar moeten opbrengen, maar de dienst is nu 2 miljoen euro per jaar kwijt om de verlichting op plekken met wegwerkzaamheden wel aan te laten.

Dat moet langs veel wegen ter plaatse gebeuren door een aannemer, die hiervoor veel geld vraagt.

De dienst wil de dure aannemers ontlopen door alle verlichting vanuit verkeerscentrales aan- en uit te zetten. Daarvoor is nieuwe apparatuur nodig. De automatische bediening van de verlichting is uiterlijk juni dit jaar beschikbaar.

PVV

Oppositiepartijen PVV en CDA willen dat het licht langs de snelwegen weer de hele nacht aangaat. ''Heroverweeg het besluit'', zei Sander de Rouwe van het CDA donderdag tijdens een debat in de Tweede Kamer met minister Melanie Schultz van Infrastructuur en Milieu.

Langs een aantal snelwegen gaat de verlichting om 23.00 uur uit. De Rouwe merkt hierover ''veel irritatie'' bij mensen. Ook twijfelt hij of de maatregel goed is voor de verkeersveiligheid. Ook Machiel de Graaf van de PVV zegt veel klachten van ouderen te ontvangen over de verkeersveiligheid op donkere snelwegen.

Attje Kuiken van de PvdA wil weten wat de kosten zijn van de maatregel en of het niet verstandiger is om over te stappen op led-verlichting langs snelwegen.