PGGM sluit niet alle bedrijven op Westoever uit
De pensioenpotbeheerder van Zorg en Welzijn heeft nog geld in Veolia, Alstom en G4S zitten, bevestigt een woordvoerder van PGGM na berichtgeving van NRC Handelsblad.
Het Franse Veolia heeft een tramlijn tussen Israël en de nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever. Alstom levert de trams hiervoor. G4S levert beveiligingsapparatuur aan kolonisten in bezet gebied.
Vorige week werd bekend dat PGGM zijn investeringen in vijf Israëlische banken heeft teruggetrokken, omdat ze betrokken zijn bij de financiering van de nederzettingen. De pensioenuitvoerder zegt eerst jarenlang met de banken te hebben gesproken, voordat de beslissing werd genomen.
Dialoog
Dat PGGM nog wel in Veolia, Alstom en G4S investeert, komt doordat met die bedrijven nog wel een conversatie wordt gevoerd, zegt een woordvoerder in de krant. De bedrijven zetten volgens PGGM stappen "in de goede richting".
De pensioenuitvoerder benadrukte al eerder dat alleen tot uitsluiting wordt overgegaan als de gesprekken vruchteloos blijken. "De dialoog zetten we voort zolang er uitzicht is op verbetering van het gedrag van de aangesproken onderneming", schrijft PGGM op de eigen website.
Boycot
PGGM benadrukte eerder maandag al dat het niet uit is op een boycot van Israël. De pensioenuitvoerder belegt na het besluit nog altijd 60 miljoen euro in het land.
"Met dit besluit laat PGGM zien dat het als verantwoord belegger waarde hecht aan het naleven van internationale verdragen door de ondernemingen waarin wij beleggen voor onze klanten", schrijft de pensioenpotbeheerder.
PGGM trok zich eerder bijvoorbeeld terug uit Walmart, omdat de supermarktmedewerkers geen lid mogen worden van een vakbond. Om principiële redenen investeert de pensioenuitvoerder van Zorg en Welzijn ook niet in tabaksfabrikanten.
Nederzetting
Vorige week onthulde de Israëlische krant Haaretz dat PGGM zijn beleggingen in de vijf banken in Israël heeft verkocht. Het pensioenfonds deed dat omdat de banken betrokken zijn bij de financiering van joodse nederzettingen in de Palestijnse gebieden. Die nederzettingen zijn volgens de Verenigde Naties illegaal.
Eerder trokken ook Royal HaskoningDHV en waterbedrijf Vitens zich terug. Op het besluit van PGGM kwam flink wat kritiek. Zo werd de Nederlandse ambassadeur in Israël op het matje geroepen.
Demonstratie
Het terugtrekken uit de vijf Israelische banken stuitte ook in Nederland op verzet. Ruim honders mensen demonstreerde bij het hoofdkantoor van PGGM in Zeist. De betogers zwaaien onder meer met Israëlische vlaggen.
De organisatie, Christenen voor Israël, wil dat PGGM zijn besluit herziet. "Indien nodig zullen wij onze acties in de komende weken en maanden voortzetten", zo schrijven directeur Roger van Oordt en voorzitter Dick Schutte in een open brief aan PGGM. De groep wil graag een gesprek met het fonds.




