Nederlandse banken en pensioenfondsen hebben in het derde kwartaal meer geld in het buitenland uitgezet, terwijl de bezittingen in eigen land afnamen.

Dat blijkt uit cijfers die De Nederlandsche Bank (DNB) vrijdag heeft gepubliceerd.

De totale buitenlandse uitzettingen van de Nederlandse financiële sector namen met ruim 1 procent, oftewel 21 miljard euro, toe tot 1771 miljard euro. Vooral pensioenfondsen breidden hun bezittingen in het buitenland uit. Zij namen twee derde van de totale toename voor hun rekening, terwijl de banken voor de rest van de groei zorgden.

De hoeveelheid geld die bij binnenlandse partijen werd uitgezet nam met 2 procent (23 miljard euro) af. Dit kwam vooral door de banken. Zij leenden minder uit aan niet-financiële bedrijven, zagen het bedrag dat aan hypotheken uitstaat dalen en verkochten Nederlandse staatsobligaties, die ook nog eens minder waard werden.

Verenigde Staten

Het grootste deel van de buitenlandse uitzettingen van Nederlandse financiële instellingen bevindt zich in de Verenigde Staten. Het bedrag dat daar uitstaat nam afgelopen kwartaal echter wel met 9 miljard euro af, terwijl de uitzettingen in Frankrijk met hetzelfde bedrag groeiden.

De bezittingen aan staatsobligaties namen per saldo met 8 miljard euro toe. Dit kwam vooral door inkopen van Frans en Spaans schuldenpapier. De totale waarde van Duitse obligaties in bezit van Nederlandse banken, verzekeraars en pensioenfondsen daalde met 5 miljard euro. Dit kwam door verkopen en waardeverlies.