Het Amerikaanse ministerie van defensie is er voor het eerst in jaren in geslaagd grip te krijgen op de stijgende kosten van de Joint Strike Fighter. 

Dat heeft Shay Assad van het Pentagon gezegd in een interview met persbureau Reuters.

Assad werd in 2011 aangesteld om de kosten van verschillende defensieprojecten onder controle te krijgen.

Het Pentagon raamt de kosten voor de ontwikkeling en bouw van 2443 F35-gevechtsvliegtuigen momenteel op omgerekend ruim 286 miljard euro. Dat is 70 procent meer dan oorspronkelijk was begroot.

Tussen 2012 en 2013 zijn de kosten voor de verandering niet gestegen, maar gedaald met ruim 2,9 miljard euro.

Assad heeft sinds zijn aantreden een database opgezet met informatie over alle aannemers en bedrijven waar het Pentagon mee werkt. Assad en zijn mensen beschikken nu over gegevens waar ze normaal gesproken maanden om moesten vragen en naar moesten zoeken.

Inzichtelijker

Door de nieuwe database zijn de kosten van de bouw van het toestel, waar tientallen bedrijven bij betrokken zijn, veel inzichtelijker geworden, aldus Assad.

"We boeken voortgang, we doen het vrij goed", zei Assad. "Maar we hebben nog een lange weg te gaan voordat we op het gewenste kostenplaatje voor de JSF zitten."

"De kostendaling is in lijn met wat Nederland wil", reageert een woordvoerder van het ministerie van Defensie. Het streven de prijzen te laten dalen is een belangrijk speerpunt van zowel de Nederlandse als de Amerikaanse overheid.

De daling van de kosten betekent niet dat Nederland nu meteen meer JSF's gaat aanschaffen. Het ministerie van Defensie heeft 4,5 miljard euro gereserveerd voor de aanschaf, waarmee op dit moment 37 toestellen van kunnen worden aangeschaft. Pas later wordt bekeken hoeveel dit er definitief worden.