Een leider van opstandelingen in het oosten van het olierijke Libië heeft zondag bevestigd dat de havens daar niet opengaan voor olie-export.

Rebellenleider Ibrahim Jathran zei dat de eerder door hem geblokkeerde havens dichtblijven, omdat onderhandelingen met de hoofdstad Tripoli zijn mislukt.

De rebellen hebben drie havens waar normaal olie wordt uitgevoerd, Ras Lanuf, al-Sider en Zueitina, veroverd. Ze eisen autonomie en een groter aandeel in de olie-inkomsten.

De regering in het noordwestelijke Tripoli heeft onlangs aangekondigd dat de olie-export weer zou worden hervat.

Het noordoosten van Libië werd tijdens de dictatuur van Muammar Kaddafi gemarginaliseerd ten koste van het noordwesten. De onvrede in de noordoostelijke stad Benghazi leidde in 2011 tot een opstand die uiteindelijk de val van Kaddafi betekende.

Sindsdien maken tal van stammen en milities plaatselijk de dienst uit. Olie is de belangrijkste bron van inkomsten van Libië, maar de uitvoer loopt sterk terug. In juli voerde het land nog 1 miljoen vaten per dag uit, nu nog circa 110.000.