De Raad van State is vernietigend over een kabinetsplan om de jaarlijkse pensioenopbouw terug te brengen van 2,25 procent naar 1,85 procent van het inkomen. 

Het kabinet heeft hierover twee weken terug een akkoord gesloten met vakbonden en werkgevers. Dat is bedoeld als verbetering op een eerder voorstel, waarin de pensioenopbouw tot 1,75 procent zou dalen.

Volgens de Raad van State leidt het nieuwe plan nauwelijks tot betere pensioenopbouw, terwijl de uitvoeringskosten zeer hoog zijn.

Bovendien is het verre van zeker dat door het plan de pensioenpremies zullen dalen, zoals het kabinet verwacht. 

Onwaarschijnlijk

Toch rekent het kabinet erop dat de pensioenfondsen hun premies zullen verlagen. Het acht het “onwaarschijnlijk'' dat werkgevers en vakbonden, die de pensioenfondsen besturen, zullen besluiten de premies niet te verlagen. Staatssecretaris Frans Weekers van Financiën heeft dat vrijdag aan de Tweede Kamer geschreven. 

De Raad van State vindt dat het kabinet het pensioenplan niet naar de Kamer moet sturen, maar dat is toch gebeurd. De Kamer behandelt het voorstel maandag. Vooral de oppositiefracties hebben grote bezwaren tegen het pensioenplan, zeker als dat niet tot lagere premies leidt.

Het ziet ernaar uit dat ze massaal tegenstemmen. Het voorstel dreigt dan te sneuvelen in de Senaat, waar het kabinet geen meerderheid heeft.

Permanent overleg

Volgens premier Mark Rutte en minister Lodewijk Ascher van Sociale Zaken vrijdag is het kabinet is ''permanent in overleg'' met vakbonden en werkgevers over lagere pensioenpremies als de pensioenopbouw in 2015 wordt verlaagd.

Bij het opstellen van het regeerakkoord gingen VVD en PvdA ervan uit dat de lagere pensioenopbouw gepaard zou gaan met een verlaging van de pensioenpremies. Het gaat om een bedrag van 6 tot 9 miljard euro per jaar.

Maar de pensioenfondsen zeggen het geld nodig te hebben om hun financiële positie te verbeteren. En de sociale partners, die de pensioenfondsen besturen, voelen tot dusver niets voor centrale afspraken over het teruggeven van de premies.

Verzet

In het regeerakkoord was afgesproken dat de jaarlijkse pensioenopbouw terug zouden gaan naar 1,75 procent van het inkomen. Na verzet van bonden en werkgevers legde het kabinet 250 miljoen op tafel om deze maatregel te verzachten.

Dat leidde enkele weken terug tot een akkoord met het kabinet om de opbouw van 1,75 procent op een ingewikkelde manier te verhogen naar 1,85 procent.

Te laag

De sociale partners zijn echter zelf allerminst tevreden over de gemaakte afspraken. Ze vinden het bedrag van 250 miljoen te laag en hebben een beroep op de Kamer gedaan dat te verhogen, zodat een jaarlijkse opbouw van 2 procent mogelijk blijft.

De oppositiefracties in de Kamer zijn zeer kritisch over de kabinetsvoorstellen. Het ziet ernaar uit dat ze allemaal tegenstemmen. Het pensioenplan dreigt dan in de Senaat te sneuvelen, want daar heeft het kabinet geen meerderheid.