De voorspellingen van het Centraal Planbureau (CPB) over de Nederlandse economie waren in de afgelopen jaren structureel te optimistisch.

Dat stelt advieskantoor Krüger & Partners zaterdag op basis van een analyse van de 21 laatste ramingen van het CPB.

Vijftien van de zestien voorspellingen over 2011 en 2012 waren achteraf gezien te rooskleurig. Ook de vijf prognoses over 2013 waren allemaal positiever dan de onlangs bijgestelde raming van 1 procent economische krimp.

Op het verkeerde been

"Dit zet ondernemers op het verkeerde been", stelt het advieskantoor. Ondernemers zouden door de cijfers ook de eigen omzet en winst van tevoren te optimistisch inschatten. "Dit leidt er vervolgens toe dat ze te laat, te weinig en niet doortastend genoeg ingrijpen."

Volgens de analisten kunnen de voorspellingen van het CPB daardoor schadelijk zijn voor het bedrijfsleven. "Het CPB laat zien dat het voortdurend niet in staat is gebleken de zwakke toestand van onze economie goed in te schatten. Ze houden onvoldoende rekening met de gevolgen van deze voorspellingen", zegt consultant Christiaan Crouwers.

Eigen afweging

De analisten adviseren ondernemers goed naar de eigen omgeving te kijken en minder af te gaan op algemene voorspellingen. En als uit een eigen analyse blijkt dat het vooruitzicht minder gunstig is, zouden ondernemers snel moeten ingrijpen om niet in betalingsproblemen te komen.

Alleen de voorspelling die het CPB in december vorig jaar over het hele jaar 2012 deed, klopte precies. De CPB-prognoses lopen niet altijd even ver uiteen met de daadwerkelijke economische groei. De verschillen variëren sterk.

In juni 2011 zat het CPB er met de voorspelling over heel 2012 zo’n 2,8 procentpunt naast. Een jaar later scheelde de raming nog maar 0,3 procentpunt van de werkelijke groei. Maar het moment van voorspellen lag op dat moment ook dichter bij het uiteindelijke resultaat.

Praktisch onmogelijk

Volgens macro-econoom Harry van Dalen is het maken van nauwkeurige ramingen "in het oog van de storm" praktisch onmogelijk. "Het CPB zal de eerste zijn om te erkennen dat ramingen foutenmarges kennen en tijdens een crisis als deze zijn foutenmarges gewoon groot", aldus Van Dalen.

Volgens de econoom houdt de methode van Krüger & Partners te weinig rekening met de informatie die beschikbaar is ten tijde van het maken van de raming. "Cijfers over realisatie komen niet direct beschikbaar en worden door het CBS ook in de loop van de tijd bijgesteld als er meer informatie binnen is. Daarnaast is het overheidsbeleid nogal fors bijgesteld in de loop van de tijd", zegt Van Dalen.  

Het CPB waarschuwt 'genoeg' voor dit soort zaken bij de presentaties van ramingen, "maar ik vermoed dat gebruikers van CPB-cijfers  dit soort waarschuwingen snel vergeten of gewoon niet horen".

Fouten

Econoom Johan Graafland stelt dat het alleen zin heeft om het CPB verwijten te maken als aangetoond kan worden dat de organisatie duidelijk fouten heeft gemaakt of dat haar methodiek als achterhaald kan worden beschouwd.

"Het laatste zou bijvoorbeeld kunnen blijken als andere instituten wel betere voorspellingen hebben gedaan en meer adequate methoden gebruiken. Ik ben daar echter zelf niet van op de hoogte", zegt Graafland.

"Specifieke waarschuwingen zijn denk ik gezien de werkwijze van het CPB niet zinvol, wel zou het CPB nog sterker kunnen benadrukken dat de onzekerheid in de voorspellingen groot zijn. Ondernemers zullen altijd hun eigen marktontwikkeling goed in de gaten moeten houden."