De inflatie in de eurozone is in mei gestegen tot 1,4 procent op jaarbasis. De werkgelenheid is in het afgelopen kwartaal gekrompen met een half procent.

Dat meldde het Europees statistiekbureau Eurostat vrijdag. Het inflatiecijfer komt overeen met een eerdere eerste schatting van Eurostat.

In april lag de inflatie in de eurolanden nog op 1,2 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. In mei 2012 was de geldontwaarding 2,4 procent.

Vooral fruit en groente stegen in prijs en ook energie werd duurder. Brandstof, telecommunicatie en medische diensten werden juist goedkoper.

Voor de hele Europese Unie lag de inflatie in mei op 1,6 procent op jaarbasis, tegen 1,4 procent in april.

De laagste inflatie werd gemeten in Griekenland en Letland. De hoogste in Roemenië en Estland. In Nederland lag de geldontwaarding op 3,1 procent, het hoogste niveau in de eurozone.

Werkgelegenheid

Volgens voor seizoeninvloeden gecorrigeerde schattingen van Eurostat hadden in het eerste kwartaal 145,1 miljoen inwoners van de eurozone betaald werk. Op jaarbasis daalde het aantal werkenden met 1 procent, na een daling met 0,8 procent in het vierde kwartaal.

In de gehele Europese Unie hadden 221,9 miljoen mensen een baan. Dat is een afname met 0,2 procent ten opzichte van het voorgaande kwartaal en met 0,4 procent vergeleken met de vergelijkbare periode vorig jaar.

In Zuid-Europa vielen opnieuw de zwaarste klappen. De werkgelegenheid daalde in Griekenland op kwartaalbasis met 2,3 procent, in Portugal met 2,2 procent, in Spanje en Cyprus met 1,3 procent en in Italië met 1,2 procent. In Nederland daalde het aantal werkenden met 0,2 procent.

In de Baltische staten ging de werkgelegenheid juist het sterkst omhoog. Litouwen, Estland en Letland kenden een banengroei van respectievelijk 2,4 procent, 2,3 procent en 1 procent.