Eengezinswoningen in gebieden met overstromingsrisico zijn gemiddeld 3000 euro minder waard dan andere vergelijkbare woningen.

Dit concluderen de economen Maarten Bosker, Harry Garretsen, Gerard Marlet en Clemens van Woerkens in hun boek 'De lage landen'.

In gebieden die recentelijk met overstromingen te maken hebben gehad, zijn de woningprijzen nog lager. Onderzoeker Marlet verklaart: ''Voor de mogelijke schade is 3000 euro nog een vrij laag bedrag. Doordat er in Nijmegen in 1995 bewoners werden geëvacueerd, werd de dreiging realistischer, de prijzen zijn in die gebieden nog steeds gemiddeld zo'n 5500 euro lager.''

Geëvacueerd

Als er door de huidige hoge waterstanden Nederlandse gebieden geëvacueerd moeten worden, voorziet Marlet ook daar een huizenprijzendaling in het getroffen gebied.

Nederlanders houden meer rekening met het overstromingsgevaar vanuit de rivieren dan vanuit de zee. Volgens de onderzoekers kunnen Nederlanders zich overstromingen door de zee minder goed voorstellen, hoewel de laatste keer dat dit gebeurde maar 60 jaar geleden is.

In Nederland staan er ongeveer 2,7 miljoen woningen op een plek met overstromingsrisico, dat is meer dan een derde van alle woningen.

Het aantal is de afgelopen decennia toegenomen, omdat er veel nieuwe woningen zijn gebouwd op plekken die tussen de twee en de vijf meter onder het niveau van de zeespiegel liggen, zoals in Almere.