De prijzen van landbouwproducten zullen de komende 10 jaar stijgen door de hogere energieprijzen, een groeiende vraag en een afzwakkende productiegroei.

Dat voorspellen de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en de voedsel- en landbouworganisatie (FAO) van de Verenigde Naties in een gezamenlijk rapport dat donderdag uitkwam.

Volgens de onderzoekers zal daarmee de tijd van relatief goedkoop voedsel, dankzij stijgende opbrengsten en goedkope olie, ten einde komen. De OESO en de FAO denken dat de landbouwproductie tot en met 2022 met gemiddeld 1,5 procent per jaar zal toenemen, na een jaarlijkse groei van 2,1 procent in de afgelopen 10 jaar.

De zwakkere productiegroei komt omdat er minder geschikte grond beschikbaar is voor agrarisch gebruik, beperkte watertoevoer en stijgende kosten van bijvoorbeeld meststoffen.

De onderzoekers denken dat de landbouwproductie wel zal kunnen voldoen aan de groei van de wereldbevolking. In 2022 zullen er nog eens 742 miljoen extra mensen in de wereld gevoed moeten worden, aldus het rapport.

Risico's

De OESO en de FAO waarschuwen dat er risico's zijn voor de wereldvoedselproductie zoals de omvangrijke droogte die in 2012 toesloeg.

In combinatie met lage voorraden zou dit kunnen leiden tot een stijging van de wereldprijzen met 15 tot 40 procent. Het is daarom belangrijk dat landbouwbeleid gericht is op het managen van de risico's, duurzaam gebruik van land en water en het terugdringen van verspilling en verlies, stellen de onderzoekers.

Volgens het rapport zal de voedselvraag het sterkst stijgen in Oost-Europa, Centraal-Azië, Latijns-Amerika en andere Aziatische economieën, gestuwd door de groeiende bevolking, hogere inkomens, verstedelijking en verandering van het consumptiepatroon.

De OESO en de FAO stellen verder dat China een grote invloed op de wereldvoedselmarkt zal hebben. Omdat het land een vijfde van de wereldbevolking herbergt en de inkomens stijgen zal de vraag naar voedsel in China toenemen. De onderzoekers denken dat China bij de productie van de belangrijkste landbouwgoederen zelfvoorzienend zal kunnen blijven.