Minister Jeroen Dijsselbloem is nu niet fulltime beschikbaar voor de eurogroep. Hij voelt bovendien niets voor een permanent voorzitterschap van de vergadering van ministers van Financiën van de 17 landen die de euro hebben.

Dijsselbloem wil bovendien in ieder geval tot eind 2014 zijn functie als parttime eurogroepvoorzitter blijven uitoefenen. Hij zei dat vrijdag in Athene, waar hij eerder sprak met de Griekse minister van Financiën Yannis Stournaras. 

Hij reageerde op opmerkingen van de Franse president François Hollande en de Duitse bondskanselier Angela Merkel donderdag over de wenselijkheid van een fulltime voorzitter voor de groep van ministers van Financiën van de 17 landen die de euro als munteenheid hebben. Dijsselbloem doet het voorzitterschap naast zijn functie als minister van Financiën.

Het idee voor een permanente voorzitter is volgens Dijsselbloem niet nieuw. Daar is de afgelopen jaren al meerdere keren over gesproken, zei de minister, die benadrukte de opmerkingen van Hollande en Merkel niet als een aanval op zijn persoon te beschouwen.

Dijsselbloem is sinds enkele maanden voorzitter van dit overleg. Hij is daarnaast ook minister van Financiën. Hij heeft altijd gepleit voor een combinatie van deze twee banen.

Een keuze tussen het voorzitterschap van de eurogroep en het ministerschap is nu niet aan de orde, aldus de woordvoerder. ''Het plan ligt er nog niet.''

Zie ook: 'Plan vaste voorzitter eurogroep ontijdig'

Discussie

De discussie over een permanent voorzitterschap voor de eurogroep liep al toen de vorige voorzitter Jean-Claude Juncker opstapte. Hij pleitte voor een iemand die de baan fulltime zou kunnen vervullen, maar de ministers van Financiën van de eurolanden wilden liever iemand uit hun midden.

Een woordvoerder van de Europese Commissie liet vrijdag doorschermeren dat het dagelijks bestuur van de EU wel wat in de plannen van een permanente voorzitter ziet. ''Dit past in de hele discussie over het verdiepen van de economische monetaire unie en die discussie zal nog wel verder gevoerd gaan worden.'' De commissie heeft een blauwdruk geschreven waarin ze onder meer pleit voor een soort Europees ministerie van Financiën.

Nederland

Premier Rutte gaf te kennen dat Nederland niet instemt met het instellen van een vaste voorzitter. Hij wilde nog niet zeggen of Nederland zo'n voorstel zal vetoën, maar maakte wel duidelijk dat Nederland pertinent tegen is.

Volgens Rutte duurt het zeker anderhalf à 2 jaar voor over een eventueel voorstel wordt besloten. De EU-landen moeten er dan gezamenlijk over beslissen. ''Nederland is niet voor, dus we zullen het proberen tegen te houden. Maar er liggen nog geen voorstellen'', aldus Rutte.

Inhoudelijk heeft Rutte grote bezwaren tegen het voorstel, onder meer omdat Brussel al genoeg vaste voorzitters en presidenten telt. Een deel van de tijd gaat verloren aan de competentiestrijd tussen de Brusselse instituties. ,,Daar een zesde voorzitter naast zetten verergert dat risico.''