Een ruime Kamermeerderheid zal donderdag instemmen met een constructie waarbij de Staat een garantie van 5,7 miljard euro aan De Nederlandsche Bank verleent.

In ruil daarvoor krijgt de staat de komende jaren in totaal 3,2 miljard euro aan winstafdracht. De regeringspartijen VVD en PvdA en de oppositiepartijen D66 en GroenLinks zijn voor.

Extra belangrijk voor minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën is dat deze partijen ook in de Eerste Kamer een meerderheid vormen. De Senaat behandelt de constructie op 12 maart.

De winstafdracht van ruim 800 miljoen dit jaar is overigens door het Centraal Planbureau al als meevaller meegenomen in de berekening van het begrotingstekort dit jaar. 

Risico's

Dijsselbloem besloot onlangs op initiatief van DNB tot de deal waarbij de staat garant staat voor de risico's die DNB loopt op leningen aan Zuid-Europese probleemlanden.

De redenering was dat als DNB geld nodig zou hebben door grote verliezen de Staat uiteindelijk toch altijd de achtervang voor DNB is.

Partijen als CDA, SP, PVV en de ChristenUnie hadden veel kritiek op de constructie en kregen steun van oud-DNB-directeur en hoogleraar economie Lex Hoogduin, die sprak van creatief boekhouden met de geur van een truc.

Rekenkamer

De Algemene Rekenkamer had echter geen problemen, omdat de staat en DNB toch al in een 'symbiotische verhouding' totaal op elkaar aangewezen zijn. De garantie en de winstafdracht hebben daardoor een groot 'vestzak-broekzakgehalte', zei Kees Vendrik van de Rekenkamer.

Volgens het CDA en de SP zou DNB gewoon zelf een reservepotje moeten vormen voor eventuele verliezen.

''Nu gaat een verlies via de schatkist direct door naar de burger, dat vinden wij het grootste nadeel'', zegt SP-Kamerlid Arnold Merkies. CDA-Kamerlid Eddy van Hijum vindt ook dat Nederland met deze constructie een slecht signaal geeft aan andere eurolanden.